Terug
Artikels
   
01-12-2016 Nieuws uit Zevenbergenbos
01-09-2016 Tijdschrift Zoogdier: Bosmuizen eten dode honingbijen op
01-09-2016 Tijdschrift Zoogdier: Een Mostela voor muizen
01-03-2016 Nieuws uit Zevenbergenbos
01-03-2016 Met een "Wilcamera bak" op zoek naar kleine zoogdieren
15-12-2015 Uitbreiding erkenning natuurgebied Zevenbergenbos
17-03-2015 Bos van Ranst wordt binnenkort opgewaardeerd
29-11-2014 Hoe een idee uitgroeit tot een nieuw bos!
26-11-2014 De Hogenaard: eigendom van Natuurpunt in beheer van de Werkgroep Zevenbergenbos.
31-10-2014 Landschapsbeheerplan beschermd landschap ‘Bos van Ranst’
30-09-2014 Het gebeurde 100 jaar geleden op 8 oktober 1914
23-09-2014 Het Drogenhofpad is een nieuwe zitplaats rijker?
26-05-2014 Natuurgebied Zevenbergenbos weer 2,26 ha groter
29-03-2014

Vrijwilligers werkgroep Zevenbergenbos bouwen een authentieke Kempense stal

13-08-2013 Natuurbericht: Verkrijgbaar in de betere iepenkruin: de Iepenpage
01-06-2013 Limonium Nieuws van het Zevenbergenbos Zomer 2013
01-08-2012 Limonium: Kluifzwammen naast toegangsweg Hoge Aard
01-08-2012 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
21-06-2012 Beheer.flits: Bestrijding van waterschildpadden
10-01-2012 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
05-01-2012 Beheer.flits: De bossen van Zevenbergen exotenvrij!
01-10-2011 Limonium Nieuws van het Zevenbergenbos Zomer 2011
01-08-2011 ANTenne: Priembladmos (Dicranodontium denudatum) in het Zevenbergenbos
01-06-2011 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
01-03-2011 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
01-12-2009 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
01:09:2009 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
01:09:2008 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
01:11:2007 Limonium: Kerkuilen in Millegemkerk en Zevenbergenbos te Ranst
01:11:2007 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
01:06:2007 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
01:03:2007 Limonium: Nieuws van het Zevenbergenbos
 
01-12-2016 Nieuws uit het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 37 nr.4
maart 2016

door
John Maes

  Dat natuur helend kan werken voor de mens is meer dan ooit een evidentie geworden. Het pleidooi van Natuurpunt om voor elke woonkern binnen een straal van 500 meter een omgeving te creëren met plaats voor verwildering van natuur en als rustpunt voor de mens is meer dan ooit een opdracht waar beleidsmakers in de ruimtelijke ordening voor staan. Met het Zevenbergenbos in Ranst heeft Natuurpunt alvast een vrijhaven voor mens en natuur gecreëerd. Niet alleen voor de inwoners die binnen een straal van 500 meter wonen, maar voorlopig ook voor verder afgelegen woonwijken en aanpalende gemeenten waar deze ankerplaatsen van natuur nog niet voorhanden zijn. We koesteren de parel van 50 ha als onderdeel van een boscomplex van meer dan 100 ha op een boogscheut van de dorpskern van Ranst.
   
 

De najaarsstorm van 24 november heeft gezorgd voor een natuurlijke selectie van een aantal bomen in het bos waardoor open plekken ontstaan met een mozaïekstructuur als gevolg. De omvorming van de populierenbossen naar meer gemengde loofbossen hebben we deze winter ook kleinschalig verder gezet. De hoogstamboomgaard langs de Schawijkstraat is nog eens uitgebreid met een 10-tal oude fruitrassen. Binnen enkele jaren zal de boomgaard  niet alleen lekker fruit opbrengen maar ook een bijdrage leveren aan het landschapsbeeld en instandhouding van de biodiversiteit (oude fruitrassen, bijen, voedsel voor vogels, egels, …).

   
 

Opvallend was dat de voorbije winter minder trekvogels aanwezig waren dan andere jaren, met een  uitzondering van vinken. Er was eind november wel een kortstondige  massale doortrek van houtduiven uit Duitsland en Scandinavië. Voor kramsvogels en koperwieken is het voedselaanbod elders blijkbaar hoog genoeg zodat ze geen reden hebben om af te zakken naar het Zevenbergenbos.  De beukenbomen kenden de voorbije zomer een mastjaar (hoge productie van beukennootjes) zodat het voedselaanbod overal in Europa hoog genoeg is en de vogeltrek wellicht verspreid is over grotere gebieden. 

Foto:
Walter Van Spaendonck
 

Dat het Zevenbergenbos parels uit de natuur herbergt bewees de plantenwerkgroep van Natuurpunt Schijnvallei tijdens haar excursie op 20 december. Het priembladmos is nog altijd talrijk aanwezig en tot nu toe is het de enige bekende groeiplaats van deze mossensoort in Vlaanderen.  Verder werd tijdens deze excursie het zeldzame ijshaar waargenomen. Staf Brusseleers beschreef hierover in een vorig nummer van de Limonium (1 maart 2015)  een verklaring. ‘Als veroorzakers van haarijs komen typische winterzwammen als Zwarte trilzwam en Gele trilzwam in aanmerking.  Ook de zwamvlok van ascomyceten als kogelzwam en Berkenschorsschijfje wordt als trigger geduid. De stofwisseling van de in het hout actieve schimmel doet het substraat lichtjes opwarmen. De afvalstoffen van het afbraakproces: water en koolstofdioxide (CO2) worden door de houtporiën, de zogenaamde lenticellen, naar buiten geperst. Als de temperatuur onder het nulpunt ligt, maar niet lager dan -3°C, kan het naar buiten tredend water beginnen aanvriezen en haarachtige structuren gaan vormen. Dit fenomeen kan zich alleen voordoen als de relatieve luchtvochtigheid extreem hoog is en de 100 % benadert. Een andere klimatologische vereiste is dat het windstil weer moet zijn. Dit is een van de redenen dat we het verschijnsel bijna uitsluitend in vrij dichte bossen vinden. Bij vriestemperaturen onder -3°C valt het proces stil vermits dan het metabolisme van de schimmel zo goed als stilligt en er geen water noch warmte wordt geproduceerd.’

Foto:
Isa Bekers
 

Met het voorjaar in aantocht kijken we weer vol verwachting uit naar de voorjaarsbloei. Op zondag 9 april is iedereen welkom op de opennatuurdag tijdens het hoogtepunt van de voorjaarsbloei. Tussen 9 en 17 uur zijn er allerlei activiteiten voorzien gaande van een vrij wandelparcours, gezinswandelingen voor kinderen en geleide wandelingen. Aan de historische schuur Drogenhof, Schawijkstraat 105 is die dag een natuurcafé met dranken en pannenkoeken te vinden (zie volledige aankondiging elders in dit nummer).  Wie meer wil weten over de determinatie van planten met behulp van determinatiesleutels raden we de lessenreeks aan van drie halve dagen die doorgaat vanaf zondag 26 maart in het natuurgebied Zevenbergenbos. De lessen worden gegeven door Hans Vermeulen van Natuurpunt Educatie.
(www.natuurpunt.be/agenda/praktijkcursus-sleutelen-van-plantenfamilies) .

 
01-09-2016 Tijdschrift Zoogdier: Een mostela voor Muizen
Verschenen in tijdschrift
Zoogdier
jaargang 27
nr.3
herfst 2016
  Onder het Rubriek "Waarnemingen" vindt men drie filmpjes terug die gemaakt zijn in het natuurreservaat Zevenbergenbos te Ranst:
   
 

Een Mostela voor muizen

Sommige lezers zijn misschien vertrouwd met de‘Mostela’: een wildcamera in een houten bak die erop gericht is om kleine marterachtigen te filmen of fotograferen die in de bak lopen. Marc Gorrens maakte zo’n bak, maar dan gericht op muizen en spitsmuizen door de ingangsopening te beperken tot 2,4 centimeter. Hij plaatste de bak in het Zevenbergenbos in Ranst (provincie Antwerpen) en maakte mooie opnames van onder andere rosse woelmuizen, bosmuizen en huisspitsmuizen. Door verschillende soorten lokaas aan te bieden, kreeg hijmeerdere soorten voor de lens. Een leuk idee voor wie het leven in zijn tuin in beeld wil brengen.

Bekijk het filmpje.

 
Verschenen in tijdschrift
Zoogdier
jaargang 27
nr.3
herfst 2016

Bosmuizen eten dode honingbijen op

Marc Gorrens plaatste zijn cameraval aan de bijenkasten van een bevriende imker, en slaagde erin om bosmuizen te filmen die dode honingbijen opeten. Op de filmpjes, die je kunt bekijken op ZoogdierDigitaal, is te zien hoe de bosmuizen op zoek lijken te gaan naar de beste (meest verse?) bijen en deze oppeuzelen. Het is uit de beelden niet meteen op te maken of ze de volledige bijen opeten, of slechts bepaalde delen afknagen. Of is het hen om resten van pollen te doen? Wordt vervolgd.

Bosmuizen eten honingbijen: filmpje 1 en filmpje 2

 
01-03-2016 Nieuws uit het Zevenbergenbos
 

Eind februari ontvingen we zeer goed nieuws: minister Joke Schauvlieghe heeft een uitbreiding van de erkenning van het natuurgebied Zevenbergenbos goedgekeurd.  46 ha van het  natuurgebied Zevenbergenbos is nu officieel erkend als natuurreservaat tot 2028.  Het dossier voor de erkenning dienden we in augustus 2010 in. Twee regeerperioden later is de erkenning nu een feit.  Maar beter laat dan nooit, want dat laatste hebben we in het nieuws helaas al meermaals gehoord als het over bescherming van natuur gaat. Natuurpunt heeft nu de verplichting om in het erkende gedeelte van het Zevenbergenbos bepaalde natuurdoelen te behalen. Om de 5 jaar worden we hierop geëvalueerd. Omvorming van de poplierenbossen naar inheemse loofbossen; een mozaïekstructuur met variatie in soorten en leeftijd en dood hout dat leven brengt, zijn de belangrijkste doelstellingen die we nastreven.

 
 

Dankzij inspanningen van tientallen vrijwilligers en een professionele arbeidsploeg in het kader van sociale tewerkstelling  kunnen we de natuurdoelstellingen halen. Meer en meer houden we ook rekening met een beperkt verdienmodel om niet uitsluitend afhankelijk te zijn van subsidies. Op die manier draagt het natuurgebied bij aan lokale economie. Zaaghout en brandhout worden zoveel mogelijk lokaal verkocht, gidsbeurten en opennatuurdagen dragen bij aan toerisme en educatie.  Verder biedt het natuurgebied diverse gratis ecosysteemdiensten aan de lokale gemeenschap. Per jaar dringt er 400 miljoen liter regenwater in de bodem van het natuurgebied Zevenbergenbos en dat zuivere water wordt in Ranst onder meer ontgonnen als natuurlijk bronwater. Tot in het Vlaams parlement drinkt men ‘bronwater’ dat ooit in het Zevenbergenbos als een regendruppel in de grond sijpelde.

 
 

De natuurdoelstellingen van het natuurgebied worden echter minder  begrepen door een deel van het publiek. Enkele weken geleden gaf een oudere dame de opmerking dat het bos er slordig bij ligt met hier en daar dode bomen en takken op de grond. Vroeger waren de bossen ten minste proper volgens de mevrouw. Mevrouw … kijk daar,  een zwarte specht op een dode boomstam op zoek naar wat lekkers en ginder zie je de middelste bonte specht op een dode tak zitten.

 
 

Ondertussen zijn gelukkig meer en meer mensen vertrouwd met de huidige visie op ontwikkeling en behoud van biodiversiteit. Hoe meer mensen die visie delen, hoe meer draagkracht voor natuurontwikkeling. Het stijgend ledenaantal van Natuurpunt bewijst de groeiende belangstelling voor ons project. Het belang van educatie en wandelingen met deskundige en beklijvende toelichtingen kan niet genoeg onderstreept worden. Daarnaast speelt ook een doordacht en  gefaseerd beheer een grote rol om tot resultaten te komen en die resultaten zichtbaar te maken. Een nieuwe lindedreef op een perceel dat twee jaar geleden verworven werd,  vormt  in het Zevenbergenbos de kroon van de voorbije winterwerkzaamheden.

 
 

En dat de natuur vooruit gaat bewijzen de talrijke waarnemingen van de voorbije maanden in het natuurgebied. Aan de vlaspoel is de paddentrek (en salamandertrek) al vanaf eind januari op gang gekomen; de ijsvogel heeft door de zachte winter zijn buikje rond gegeten in de poelen en grachten;  voor de eerste maal pleisterden verschillende distelvinken in de weiden waar zaadhoofdjes van zwarte knoop te vinden zijn.  En de havik die laat zich weer geregeld zien met snelle glijvluchten. Dat belooft voor het nieuwe voorjaar: we kijken uit naar de knolsteenbreek, de keverorchis, de gevlekte orchis, het muskuskruid, de slanke sleutelbloem en de bosanemoon.

 
 

Je kent het Zevenbergenbos, wees dan steeds welkom. Je kent het Zevenbergenbos nog niet? Iedereen is welkom om een wandeling te maken via het Drogenhofpad. Het Drogenhofpad heeft speciaal nieuwe infoborden gekregen met daarnaast een vrij wandelcircuit in het bos.  Met de fiets ben je er zo, met de auto kan je parkeren aan de parking in de Driepikkelhoeveweg en met openbaar vervoer neem je bus nr. 420, 421, 422  of 423 tot Aldi Ranst en stap je naar het Hof Zevenbergen. Aan de Lourdesgrot in de Kasteeldreef start een bewegwijzerde wandelroute  door het natuurgebied.

 
01-03-2016 Met een "wildcamera bak " op zoek naar kleine zoogdieren
door
Marc Gorrens

Dit jaar willen we wat meer te weten komen over de aanwezigheid van kleine soorten zoogdieren in het natuurgebied Zevenbergenbos te Ranst. De meeste van deze kleine zoogdiersoorten zoals muizen, spitsmuizen en woelmuizen krijgen we moeilijk te zien: ze hebben een verborgen en hoofdzakelijk nachtelijke levenswijze.

 
Joeri Cortens tijdens de Live traps cursus   Vorig jaar hebben we op 23 oktober het startschot gegeven met de cursus “Initiatie live traps muizen”. Bij deze inventarisatiemethode wordt gebruik gemaakt van muizenvallen, de zogenaamde live traps waarin de muizen en spitsmuizen levend gevangen worden en waaruit ze na determinatie weer worden vrijgelaten. Deze methode is echter tijdsintensief daar de muizenvallen om de 2-3 uur nagekeken moeten worden om te vermijden dat de dieren sterven door stress en gebrek aan voedsel. Vooral spitsmuizen hebben een heel hoog metabolisme en kunnen niet lang zonder voedsel. Die avond hebben we met deze live traps kennis kunnen maken met de rosse woelmuis en de bosmuis, twee vrij algemene soorten.
   
 
Ik zag het echter niet direct zitten om met de live traps methode heel het jaar door te gaan zoeken naar kleine zoogdieren in ons natuurgebied. Echter die avond had onze lesgever Joeri Cortens van Natuurpunt educatie ons ook filmpjes laten zien van wezels en hermelijnen die gemaakt werden met de “Mostela”, een cameraval genoemd naar de uitvinder Jeroen Mos en de genusnaam van kleine marterachtigen Mustela.   Mostela in het veld (ontwerp Jeroen Mos)
   
  En dit bracht mij op het idee om ook zo’n cameraval te maken maar dan specifiek voor muizen en spitsmuizen door de ingangsopeningen van deze bak te beperken tot 2,4 cm. Gebruik makend van afvalhout dat ik thuis had liggen heb ik de volgende wildcamera bak gemaakt, voorzien met een wildcamera die ik vorig jaar in de Aldi, een Maginon WK3 had gekocht voor 90 euro. Deze wildcamera heeft een focusafstand van ongeveer 50 cm waardoor deze goed bruikbaar was voor mijn cameraval.
   
 
 
     
  De eerste test met deze bak thuis was meteen beet; een huismuis.
   
  Ik had direct gekozen om filmpjes te maken eerder dan foto’s daar je met filmpjes meer informatie, zoals het gedrag van de diertjes, kan worden verzameld. De wildcamera is voorzien van een SDHC kaartje van 4 gigabyte groot. Hierop kunnen ongeveer tussen de 110 en 130 filmpjes van elk 10 seconde lang mee worden vastgelegd. Om ze thuis te bekijken, heb ik speciaal de gratis media playerPotplayer” thuis op de computer geïnstalleerd. Deze gratis media player speelt automatisch alle filmpjes achter elkaar af, wat erg handig is om ze te bekijken. En met 8 oplaadbare AAA batterijen, die ik voor 10 euro gekocht had, was ik voor 100 euro gesteld met deze zelfgemaakte “wildcamera bak”.
   
 
Na deze geslaagde test werd de camera bak op 6 december 2015 voor de eerste keer geplaatst in het natuurgebied Zevenbergenbos te Ranst. De derde nacht op 9 december gaf een positief resultaat: verschillende filmpjes van een bosmuis en een filmpje van een spitsmuis. Het was wel wachten tot 23 december 2015 om de eerste rosse woelmuis vast te leggen op camera.  
   
  Sindsdien werden al heel wat filmpjes gemaakt van deze soorten op verschillende locaties in het Zevenbergenbos. Ook ratten werden in de “wildcamera bak” gefilmd; ze zijn zo inventief dat ze hun eigen weg naar de “wildcamera bak” hadden gegraven om aan het eten te geraken.
   
 
 
Eerste bosmuis (Zevenbergenbos 9/12/2015)   Eerste spitsmuis (Zevenbergenbos 9/12/2015)
 
Eerste rosse woelmuis (23/12/15)   Een rat op bezoek (15/1/2016)
   
  Het was natuurlijk de bedoeling om de filmpjes te gebruiken voor determinatie van de soorten die gefilmd werden. Hiervoor werden de waarnemingen ingevoerd op “www.waarnemingen.be” met verwijzing via externe link naar het filmpje. Mijn gratis “Dropbox ruimte” waarop ik mijn filmpjes plaatste bleek al vlug te klein te zijn voor de vele filmpjes. Hiervoor moest ik een oplossing vinden. Na een tip van een gebruiker van “www.waarnemingen.be” heb ik op ”www.youtube.com” een eigen kanaal aangemaakt, waar ik ruimte in overvloed heb. Maar niet alle filmpjes konden gebruikt worden voor determinaties. De filmpjes in de “camera bak” werden immers in zwart-wit met IR licht aangemaakt en kleuren zijn soms toch gewenst bij determinaties.
   
 
  Een beetje gefrustreerd omdat vooral bij spitsmuizen de determinatie moeilijk was, heb ik speciaal voor deze bak een deksel gemaakt met een opening om ook bij daglicht muizen en spitsmuizen te kunnen filmen, zie filmpje. Ik heb ook één opening langs de zijkant vergroot van 2,4 cm naar 4 cm doormeter om een wezel in mijn bak te kunnen krijgen. Je weet maar nooit.
   
  Ondertussen was de achterwand ook al voorzien van berkenschors om meer ongekunstelde filmpjes te produceren. Om ratten uit de wildcamera bak te weren heb ik de bak deze keer voorzien met een demonteerbare bodem. Demonteerbaar omdat ik de bak ook boven woelmuizengangen wil plaatsen.
   
 
Amper één uur na het plaatsen van deze bak naast een houtwal, had ik 2 Rosse woelmuizen kunnen filmen in kleur. Doordat het weer steeds kouder werd heb ik nog geen spitsmuizen in kleur kunnen filmen. Ook de bosmuizen blijken slechts te voorschijn te komen wanneer het begint te schemeren.  
   
  De bak werd op zeer veel plaatsen in het Zevenbergenbos geplaatst. Op locaties waar niet direct schuilplaatsen, zoals houtstapels, opschietend gras of dicht struikgewas, in de buurt te vinden waren, had ik na drie dagen nog geen succes. Wat eigenlijk wel te verwachten was, omdat tijdens de wintermaanden muizen en spitsmuizen meer beschutting opzoeken.
 
 
 

Echter op alle andere plaatsen had ik zeer snel succes tot zelfs binnen het uur na het plaatsen van de bak. Op deze plaatsen werden overal de bosmuis en meestal ook de rosse woelmuis gefilmd. Twee algemene soorten die éénmaal ze het eten in de bak hebben ontdekt meerdere bezoeken komen brengen.. Daar staat tegenover dat spitsmuizen altijd blitzbezoeken brengen; tussen de vele filmpjes zaten er dikwijls slechts één of hooguit drie filmpjes tussen van een spitsmuis. Het is daarom ook belangrijk dat alle filmpjes worden bekeken.

 

Als lokaas heb ik vooral konijnenvoer, kaasrestjes, hazelnoten, vogelvoer, vetrandjes van ham en paté, oud brood, pindakaas, gedroogde meelwormen en mezenbollen gebruikt. Ik heb ze niet afzonderlijk uitgetest, maar merendeel samen. De mezenbol had het meeste succes. Zowel de bosmuizen als de Rosse woelmuizen bleken er verzot op te zijn. De gedroogde meelwormen waren niet zo gegeerd, maar de pindakaas kon de rosse woelmuis wel verleiden. Een nootje als tussendoortje zag een huisspitsmuis wel zitten. Met een vetrand van paté is een spitsmuis gaan lopen en bosmuizen lusten er ook van.

 
  Het was nog niet de bedoeling om met deze bak een gericht verspreiding of inventarisatie te verrichten in het Zevenbergenbos. Ik wilde eerder een andere methode vinden voor de arbeidsintensieve Live traps methode. De “wildcamera bak” heeft meer dan mijn verwachtingen ingelost. Het werken met de “wildcamera bak” is veel minder arbeidsintensief; de tijdstippen voor het verplaatsen, controleren, wisselen van het SDHC kaartje en het bekijken van de filmpjes kunnen zelf worden bepaald. En je kunt gemakkelijk al deze werkzaamheden op je eentje verrichten. Echter niet alle filmpjes leidde tot determinatie met zekerheid. Om dit probleem in de toekomst te vermijden is de bak nu al aangepast om ook met daglicht kleuren filmpjes te maken. Als we de tijdsstippen van de opnames bekijken dan zien we dat spitsmuizen en Rosse woelmuizen ook overdag foerageren terwijl de bosmuis zich beperkt tot de donkere uren. De filmpjes geven ons ook meer informatie over het gedrag van deze kleine zoogdieren, vooral de ontmoetingen tussen soortgenoten en andere soorten zijn zeer leerzaam. De beelden tonen tevens dat de diertjes niet onderhevig zijn aan stress, ze voelen zich volledig vrij in hun doen en laten. Ze zitten namelijk niet gevangen. Verder zal het inventariseren door gebruik maken van filmpjes meer aanvaard worden door het grote publiek dan het vangen van deze diertjes. Ook de aaibaarheidsfactor en de interesse voor deze kleine zoogdieren toe zal verhogen door de gemaakte filmpjes van deze kleine zoogdieren te laten bekijken. Vermits de wildcamera ook achtergrond geluiden opneemt, kunnen sommige van de gemaakte filmpjes ook gebruikt worden om de aanwezigheid van vogels in het gebied vast te stellen.
 
 

Ik besef goed genoeg dat men waarschijnlijk niet alle soorten met deze “wildcamera bak” zal kunnen filmen, maar nu de lente en de zomer in aantocht komt, ben ik er zeker van dat de wildcamera bak veel meer soorten zal kunnen strikken. Er zal vooral een evenwicht moeten gezocht worden naar de hoeveelheid voedsel en soort voedsel dat in de bak gebruikt zal worden om te vermijden om telkens dezelfde muizen of spitsmuizen te filmen. Hou mijn waarnemingen de volgende maanden zeker in het oog op www.waarnemingen.be.

   
 

Om af te sluiten toon ik nog enkele interessante filmpjes die met “wildcamera bak” zijn gemaakt:

 
15/12/2015

Uitbreiding erkenning natuurgebied Zevenbergenbos

door
John Maes
  foto: Leo Janssen
 

Door het afsluiten van bijkomende erfpachtcontracten met de vzw Emmaüs en door de aankoop van 5,2 ha bos op de Hogenaard in 2010  heeft het beheerteam een dossier ingediend voor de uitbreiding van de erkenning van het natuurgebied Zevenbergen.  Ruim 5 jaar na het indienen van het dossier heeft de bevoegde minister op 15 december 2015 het besluit goedgekeurd. In 2001 bekwamen we reeds een eerste erkenning van het natuurgebied met 31 ha 45 a en 35 ca. Nu komt daar een bijkomende oppervlakte bij van 14 ha 51 a 5 ca. Dit brengt het totaal van het erkende natuurgebied Zevenbergen te Ranst op 45 ha 96 a 40 ca. Het natuurgebied is nu zeker beschermd tot in 2028. Tussentijds dienen we elke vijf jaar een monitoringrapport op te stellen om de vorderingen van de nagestreefde natuurdoelen te documenteren. Op basis van de evaluatie van de resultaten volgens de voorop gestelde natuurdoelen ontvangt Natuurpunt een beheersubsidie waarmee o.a. de erfpachtvergoeding voor het grootste deel van de terreinen kan gecontinueerd worden.  

 
  foto: Leo Janssen
 

Onze verantwoordelijkheden voor het behoud van de biodiversiteit in het erkende natuurgebied zijn niet gering. Zo lezen we in het aanvraagdossier uit 2010 het volgende over de nieuw aangekochte percelen van de Hogenaard.

Het uiterste noorden van het natuurgebied Zevenbergenbos bestaat uit zeer goed ontwikkeld alluviaal vogelkers-essenbos. Het betreft één van de meest waardevolle bossen in het natuurgebied te Zevenbergen. Dit is reeds bos sinds Ferraris. De boomlaag wordt opgebouwd uit zwarte els, gewone esdoorn en rode kornoelje die domineren: ca. 320 exemplaren canadapopulier werden ca. 15 jaar geleden ingeplant na voorafgaande eindkapping. De rand van het perceel A 377 wordt afgezoomd met grauwe abeel en boswilg. De kruidlaag omvat een zeer rijke oude bosflora met o.a. bosanemoon, dotterbloem, gele dovenetel, gevlekte aronskelk, eenbes, grote keverorchis, gewone engelwortel en speenkruid. De Hogenaerdseloop stroomt doorheen dit deel van het natuurgebied verder oostwaarts tot aan de samenvloeiing met de Kleine Merrebeek.’De uitbreiding van de erkenning van het natuurgebied  is op basis van de beschrijving die we toen opstelden, niet meer dan terecht.

Het besluit van de minister voor de uitbreiding van de erkenning van  het natuurgebied  is op basis van de beschrijving in het dossier niet meer dan terecht.

 
 

Naast het erkende deel van het natuurgebied beheert Natuurpunt in het gebied nog een aantal ha die nog niet erkend zijn. Dit zijn terreinen die we na 2010 verworven hebben (zoals het vorig jaar aangeplante eikenbos en de lindedreef die we dit jaar hebben aangeplant in de buurt van de Gasthuishoeve). De erkenning van die terreinen zal  een volgend dossier zijn en hopelijk kunnen we dan nog enkele andere waardevolle terreinen toevoegen.

 
17/3/2015 Bos van Ranst wordt binnenkort opgewaardeerd

verschenen
in
HLN

Met de goedkeuring van het landschapsbeheersplan voor het bos van Ranst door Vlaanderen, kan vanaf nu werk gemaakt worden van de uitwerking van het plan. Morgen bekijken de provincie, de gemeente Ranst, de eigenaars en de beheerders van het bos al de subsidieaanvragen.

Dat er nog meer groen komt, staat al vast. "Dankzij het goedgekeurde landschapsbeheerplan is het mogelijk om eigenaars en beheerders een erfgoedpremie toe te kennen. Zo kunnen zij het landschap onderhouden en in ere herstellen waar nodig. De restauratie van de historische poort aan het Zevenbergenbos, een herwaardering van de tuin van het buitenhof aan Hof Zevenbergen en de aanplanting van bomenrijen staan alvast op het programma", vertelt gedeputeerde voor natuur en landschap Rik Röttger. Naast de provincie en de gemeente staan ook het Regionaal Landschap de Voorkempen, Bosgroep Antwerpen Zuid, Natuurpunt, Hof Zevenebergen, de bewoners en landbouwers in voor de natuur, landbouw, erfgoed, recreatie en toerisme in het bos. Morgenavond klinken ze op het vastgelegde beheersplan. (FSL)
 
29/11/2014 Hoe een idee uitgroeit tot een nieuw bos!

verschenen
in
nieuwsbrief december
2014

door
Greet De Schutter echtgenote van John Maes

  Toegang tot het nieuw stuk terrein in beheer waar het nieuw bos zal aangeplant worden.
 
Onze voorzitter John Maes is 60 jaar   John heeft op 20 augustus de kaap van 60 gehaald. Feestje…geen feestje… cadeau… geen cadeau .. we kennen allemaal deze afwegingen.

We hebben met familie en vrienden het glas geheven en de wens van John gerespecteerd; geen cadeau maar een storting bestemd voor ‘1000 eiken’ in een nieuw bos –Gasthuishoeve- Ranst. Er werd voldoende bijeengebracht om de bomen aan te kopen én tijdens de plantdag met warme en koude dranken voor gezelligheid te zorgen.

15 november – dag van de natuur- was voorzien voor de aanplant van de bomen. Door het zachte najaar werd de datum verschoven naar zaterdag 29 november; de boompjes waren immers onvoldoende afgerijpt in de kwekerij.
  Voor het planten moesten de plantgaten geboord worden. We hebben dit met behulp van een boormachine op de aftakas van de tractor in de beste weersomstandigheden kunnen afwerken. Het gemeentebestuur van Ranst heeft ervoor gezorgd dat we deze machine in bruikleen konden gebruiken van de technische dienst.
 
  11 november: John zou voor twee uurtjes boren ... hij heeft geboord tot na 17 u.
  De bomen werden besteld en vrijdagmorgen 28 november rond 6.30u (!) stond de vrachtwagen voor de levering op de oprit Laarstraat 3. De spanning steeg.

Eindelijk 29 november!
 
 
Jong geleerd ...   oud gedaan
 
Door de talrijke opkomst was de klus al geklaard tegen 10u30.
 
Er restte nog ruim de tijd voor een gezellige babbel bij een glaasje aan de Drogenhofschuur
 

John Maes tevreden met zijn boomplantactie.
  Aan heel de ploeg van natuurpunt werkgroep Zevenbergenbos kan ik zeggen dat één beeld mij zeker bij zal blijven; het vertrek in stoet van al de vrijwilligers vanaf de schuur naar het nieuwe bos, met tractor en te voet, met spades en bomen, met gele hesjes aan, in de koude nevel van de ochtend en dit al rond 8.30u.

Dank aan alle sponsors en planters, aan allen die even langs kwamen om iets warm of koud te drinken aan de schuur.

Ranst heeft een nieuw bos, het boscomplex Zevenbergenbos-Gasthoevebos-Muizenbos is weer een stukje groter.
  Bekijk de verschillende artikels in de pers:

Bekijk hier al de 143 foto's van deze prachtige succesvolle boomplantactie.

 
 
26-11-2014 De Hogenaard: eigendom van Natuurpunt in beheer van de Werkgroep Zevenbergenbos.
   

verschenen
in
nieuwsbrief november
2014

De bossen van de Hogenaard en Verloren Kost in de vallei van de Hogenaardseloop te Ranst: unieke natuurpareltjes

Sinds 2010 bezit Natuurpunt door aankoop een terrein van 5,2 ha in het boscomplex van Ranst ten noorden van de E 313. Dit boscomplex van enkele tientallen ha strekt zich uit langsheen de Hogenaardesloop.

door
John Maes
  * NP ZBB: Natuurpunt Zevenbergenbos
  De Hogenaardseloop werd tot 2013 de Kleine Merrebeek genoemd. De provincie Antwerpen heeft in 2013 het beheer van de waterlopen van 3de categorie overgenomen van de gemeente Ranst en daardoor werden een aantal namen van waterlopen veranderd. Het 1,8 kilometer lange deel van de vroegere Kleine Merrebeek dat ontspringt aan de Wijnegembaan in Ranst en dan onder de E313 verder stroomt tot aan de Hogenaardseweg op de grens van Ranst en Oelegem heet nu Hogenaardseloop. De Hogenaardseloop mondt uit in de Kleine Merrebeek aan de Hogenaardseweg.
 
  De Hogenaardseloop heeft een duidelijk valleiprofiel gevormd van 150-200 meter breedte. Het niveau van de Hogenaardseloop ligt aan de bron amper 8 meter boven de zeespiegel en 7 meter aan de monding in de Kleine Merrebeek. Ten opzichte van de hoogste delen in het Zevenbergenbos ligt de vallei 3 tot 4 meter lager. De relatief diepe insnijding van de Hogenaardseloop maakt dat op sommige plaatsen de schelprijke kleiafzettingen uit het Tertiair slechts enkele tientallen cm onder de oppervlakte zitten. Daardoor ontstaat een zeer vochtig en kalkrijk milieu.
 
  Op de Ferrariskaart uit de 18 de eeuw merken we dat de vallei van de Hogenaardseloop bestond uit weilanden (beemden) en bossen. Er waren in de vallei ook ondiepe visputten waarvan nog een restant te vinden is aan de duiker ten zuiden van de E313.
 
  Natuurpunt beheert ten zuiden van de E313 een groot deel van de historische beemden in de vallei van de Hogenaardseloop en bezit ten noorden van de E 313 een deel van de bossen die ook al op de Ferrariskaart als bos gekarteerd werden. Hier komen oud bosplanten als eenbes en keverorchis zeer veel voor. In het greppelsysteem van het bos groeit dotterbloem zeer weelderig. De vochtige kalkrijke ondergrond zorgt voor een uniek ecosysteem waardoor ook dit boscomplex opgenomen is in het habitatrichtlijngebied en daardoor Europees beschermd is. Het aangekochte gebied is door Natuurpunt ingediend om erkend te worden als natuurreservaat. We wachten hiervoor nog op de ministeriële goedkeuring.
 
  Sinds de aankoop in 2010 heeft de werkgroep Zevenbergenbos de ‘Hogenaard’ gemonitord op biodiversiteit en een beheersplan opgesteld. Een aanpalend weiland op de hogere delen van de vallei hebben we bebost met els en es en met inheemse struiken aan de bosrand. Een zijbeek van de Hogenaardseloop werd met succes omgevormd tot een amfibieënpoel. In 2014 hebben we 25 Amerikaanse eiken laten kappen om de zomereiken en de struiken van sporkehout aan de rand van de vallei meer kansen te geven. Het oud bos zelf laten we voorlopig onaangeroerd. De ingeplante populieren van ongeveer 25 jaar oud beginnen af te sterven (roestziekte) en hun plaats wordt ingenomen door es en els.
 
  De toegankelijkheid van het gebied is beperkt omwille van de natte omstandigheden. Langs de Hogenaardseweg kan de aanplant van elzen-essenbos met de bloemrijke houtkant bewonderd worden. Dichter bij de monding van de Hogenaardseloop is het wegkwijnende populierenbos en de opslag van es en els goed te zien. Ook het voorjaarsaspect met bosanemonen en sleutelbloemen is vanop de Hogenaardseweg goed te zien.
 
  De waterkwaliteit van de Hogenaardseloop is goed maar er zijn nog enkele lozingspunten van afvalwater van huizen in de Vaartstraat. In samenwerking met de gemeente Ranst, de betrokken bewoners en de waterbeheerder kan de kwaliteit van de Hogenaardseloop de volgende jaren nog verbeteren. Terecht mag de vallei een natuurmonument genoemd worden, zowel op geologisch vlak, op landschappelijk vlak en voor de biodiversiteit is dit gebied een pareltje. Natuurpunt wil er alles aan doen om dit mee te bewaren.
 
31/10/2014 Landschapsbeheerplan beschermd landschap ‘Bos van Ranst’

verschenen
in
nieuwsbrief oktober
2014

door
John Maes

Sinds 1981 is het boscomplex Zevenbergenbos-Muizenbos bij ministerieel besluit beschermd als landschap. In 1985 is de buitenhof van het kasteel met de eikendreef tot aan de Vaartstraat toegevoegd aan het beschermd landschap. In de praktijk betekent dit dat het landschap zoals het is zoveel mogelijk dient behouden en onderhouden te worden. Landschappelijke wijzigingen dienen steeds in overleg met het Agentschap Erfgoed besproken te worden.
 
  In de praktijk is het onderhouden van een landschap dat gegroeid is uit economische praktijken uit het verleden niet altijd eenvoudig. Gelukkig zijn er heel wat activiteiten die de natuur ten goede komen en daardoor toch nog toegepast worden bij natuurbeheer. Regelmatig kappen van knotwilgen en houtkanten, hakhoutbeheer en natuurgericht maai- en graasbeheer zijn hier voorbeelden van. Toch zijn er nog andere aspecten die niet vanzelfsprekend zijn bij het onderhouden van een landschap.

Om die reden heeft de wetgever voorzien dat voor sommige werken in een beschermd landschap subsidies mogelijk zijn. De voorwaarde is dan wel dat er eerst een landschapsbeheerplan wordt opgesteld dat goedgekeurd wordt door de minister die bevoegd is voor onroerend erfgoed.
 
  In 2012 nam de provincie Antwerpen het initiatief om voor het beschermd landschap ‘Bos van Ranst’ een landschapsbeheerplan op te stellen. Een commissie werd in het leven geroepen bestaande uit eigenaars/beheerders en gebruikers in het gebied en de bevoegde gedeputeerde, de gemeentelijke schepenen en vertegenwoordigers van Erfgoed en het Agentschap Natuur en Bos.

Na 2 jaar inventariseren en bediscussiëren werd op 21 oktober 2014 het plan zoals het voorligt door de commissie in grote lijnen aanvaard en zal het ter goedkeuring voorgelegd worden aan Geert Bourgeois, Minister-President van de Vlaamse Regering, tevens bevoegd voor onroerend erfgoed.

 
  Concreet voor het natuurgebied Zevenbergenbos maakt dit plan onder meer mogelijk dat de restauratie van de 18de eeuwse toegangspoort subsidieerbaar is tot 60 %. Ook het onderhouden of aanleggen van andere landschapselementen zonder economisch nut is mogelijk subsidieerbaar.
 
  De constructieve samenwerking binnen de commissie toonde aan dat er een grote draagkracht bestaat voor het beschermd landschap ‘Bos van Ranst’ en dat in wederzijds respect tussen natuurbehoud, bewoning, recreatie en landbouw dit plan tot stand gekomen is.
Terug  
30/9/2014 Het gebeurde 100 jaar geleden op 8 oktober 1914

verschenen
in
nieuwsbrief september
2014

door
John Maes

 

De aanloop was de oorlogsverklaring van Duitsland aan België op 3 augustus 1914. Na bijna 2 maanden vechten trekt het Belgisch leger zich op 29 september 1914 terug van Mechelen naar Antwerpen. Lier, Duffel en Heist-op-den-Berg worden zwaar gebombardeerd door de Duitsers.

Op 2 oktober houdt Koning Albert I nog een geruststellende toespraak tot de bevolking vanop het balkon van het Koninklijk Paleis op de Meir in Antwerpen.

Op 4 oktober wordt het fort van Kessel vernield en verlaten door het Belgisch leger. Op 5 oktober trekken de Duitsers Lier binnen. Vanuit het Fort van Oelegem wordt nu het Fort van Kessel beschoten omdat het ingenomen was door de Duitse troepen.

Belgische troepen vernielen de kerktoren van Broechem om te verhinderen dat het een uitkijkpost voor de Duitsers zou worden. Op 7 oktober schiet men vanuit Oelegem op het fort van Broechem waar ook al Duitsers gesignaleerd werden. Belgische soldaten verlaten even het Fort van Oelegem om het Vrieselhof in brand te steken en de kerktoren van Oelegem te vernielen. Op 8 oktober gebeurt hetzelfde met de kerktoren van Schilde.

Tegen de avond van 8 oktober tussen 20 en 23 uur schiet het Belgisch leger vanuit het Fort van Oelegem het kasteel van Zevenbergen met zijn toren die als uitkijkpost kon dienen en een aantal huizen in Ranst met zwaar geschut in brand. De bewoners van het kasteel Zevenbergen waren toen al naar Nederland gevlucht. De dagen nadien volgen 33000 Belgische soldaten dit voorbeeld door via een noodbrug de Schelde over te steken of te vluchten naar Nederland. Antwerpen wordt ingenomen door de Duitsers na 14 dagen strijd aan de Netestellingen.

Pastoor Alphonsus Victor Spruyt (1857-1928) die in 1909 pastoor van Ranst werd, stelde na de oorlog een verslag van deze gebeurtenissen op voor kardinaal Désiré Joseph Mercier (1851-1928).

‘Tien huizen waaronder het Kastel van de Weledele Heeren de Gilman de Zevenbergen, een der oudste en prachtigste kasteelen van België, met al zyne kunstschatten en kostbaarheden, zyn in brand geschoten en totaal vernietigd.’

 

  Bron: Schelfhout F.; De Millegemvriend, jaargang 22, nr. 5, sept-okt 2009.
Terug  
23/9/2014 Het Drogenhofpad is een nieuwe zitplaats rijker?

verschenen
in
nieuwsbrief
september
2014

door
John Maes

  De wandelweg vanaf de grot naar het gemeentelijk wandelbos geeft een prachtig uitzicht op de hooiweide en de gallowayweide. Verschillende oudere wandelaars hadden aan vrijwilligers van de werkgroep Zevenbergenbos al gevraagd om hier even te kunnen verpozen op een bank. Vanuit de werkgroep Zevenbergenbos hebben we aan het gemeentebestuur de vraag gesteld om een bank te voorzien met een vuilbakje langsheen de wandelweg en ter hoogte van het poortje naar de gallowayweide. Tijdens de zitting van het schepencollege van 17 juli is onze vraag ingewilligd. Onze vrijwilligers hebben hiervoor een plaatsje vrij gemaakt van bramen en struiken zodat de technische dienst van de gemeente Ranst de bank kon plaatsen. Sinds begin september staat de bank er. Het is nu een bijkomende rustoase, badend in de zon en met een van de mooiste uitzichten van Ranst. Hopelijk kunnen vele wandelaars en voorbij komende fietsers hiervan genieten.
Terug  
26/5/2014 Natuurgebied Zevenbergenbos weer 2,26 ha groter

verschenen
in
nieuwsbrief
mei
2014

door
John Maes

Sinds enkele weken is het natuurgebied Zevenbergenbos alweer gegroeid . Vanuit het Convent van Betlehem werd aan Natuurpunt een bijkomend perceel toegekend in erfpacht na het beëindigen van een landbouwpacht . Het perceel is gekend ten kadaster Ranst, 1e afdeling A 353 met een grootte van 2 ha 26 are en 09 ca en ligt langsheen het niet verhard gedeelte van de Schawijkstraat ten oosten van het nieuwe kerkhof van Ranst. Hiermee komt de door Natuurpunt beheerde oppervlakte van het natuurgebied Zevenbergenbos in de buurt van 50 ha of een halve km². De bodem van het perceel is lemig zand met een eerder humusarm plaggenprofiel en het perceel ligt iets hoger dan de omringende percelen.

  Het perceel A 353 is in het grijs aangeduid (eigendom convent van Betlehem). De percelen in lichtgroen en rood zijn eigendom van ANB, donkergroen is reeds in erfpacht door Natuurpunt. Het perceel 302 B is het nieuwe kerkhof van Ranst (ter situering).
  Op dit uittreksel uit de wandelkaart van het Drogenhofpad is het perceel A 353 ingekleurd als akker. Het Drogenhofpad van Natuurpunt passeert langsheen het perceel.
  Momenteel is het perceel nog een laatste seizoen ingezaaid met mais door een plaatselijke loonwerker. Na de maïsoogst wordt het perceel omgezet in heischraal grasland met veel bloemen. Samen met de dienst Erfgoed en ANB wordt dan gekeken welke andere natuurfuncties het perceel kan krijgen naast het extensief graslandbeheer. Aan de noordrand langsheen de Schawijkstraat is er een houtkant met nogal wat Amerikaanse eik en Amerikaanse vogelkers. De omvorming van deze houtkant naar inlandse soorten is zeker een prioriteit. Aan de oostkant paalt het perceel aan een privé-bos met zomereik en berk dat in 1998 aangeplant werd. Aan de zuidkant is er een gemeenschappelijke grens met de bossen van ANB met veel veldiep in de houtkant. Ook is er een beukendreef die tot het perceel behoort met daarachter een bos met een ondiepe depressie ten gevolge van eeuwenoude ambachtelijke zandwinning (in privé-bezit). Aan de westkant is er een populierendreef die tevens tot het perceel behoort en die door Natuurpunt publiek toegankelijk gemaakt is als onderdeel van het Drogenhofpad. Volgens buurtbewoners kwam er vroeger hier en daar heide voor aan de randen van het perceel.
 


Zicht op het perceel A353 vanaf de Schawijkstraat in ZO-richting.

   
  Wanneer we de geschiedenis van het perceel bekijken, dan was het vanaf de 17de eeuw (of vroeger) tot 1807 eigendom van het Sint-Elisabethgasthuis te Antwerpen en was het een akker die hoorde bij de Gasthuishoeve in de Schawijkstraat. In 1807 werd het perceel samen met nog andere percelen en de Gasthuishoeve (in totaal meer dan 29 ha) verkocht aan de familie de Gilman de Sevenbergen die het kasteel Zevenbergen bewoonde. Wellicht is de overdracht gebeurd in het kader van de verplichte verkoop van kerkelijke goederen tijdens de Franse periode. Het plan dat toen opgesteld is door J.B. Fabry (landmeter te Antwerpen) is volledig in het Frans opgesteld. De verkoop gebeurde in ‘Anvers, chef lieu du département des deux Néthes’. In 1952 erfde het Convent van Betlehem het perceel bij het overlijden van de laatste telg van de familie de Sevenbergen, dhr Van den Berghe. En nu in 2014 krijgt Natuurpunt de erfpacht van dit perceel met zijn rijke geschiedenis.

De Ferrrariskaart (rond 1780) geeft aan dat het perceel in gebruik was als akkerland. Op een kaart van 1896 was het perceel volledig bebost met den. In het midden van het perceel liep er een weg loodrecht op de Schawijkstraat en vertrekkende aan de huidige beukendreef die het zuiden van het perceel begrenst. Op een kaart van 1950 is het perceel terug omgezet in landbouwgrond. De landbouwer die toen het perceel pachtte was Jan De Wolf uit de Laarstraat in Ranst. Voor de opkomst van de maisteelt was het een weiland. Sinds de jaren 70 is het steeds een maïsakker geweest met vanaf 1990 een wisseling van pachter bij het pensioen van Jan De Wolf. Tijdens droge zomers was de maïsopbrengst op dit perceel soms erg laag. Enkel door zware bemesting kon een aanvaardbaar productieniveau behaald worden.

In de jaren 90 van de vorige eeuw werd het perceel opgenomen in het ‘beschermd landschap bos van Ranst’. Het is ook opgenomen in het habitatrichtlijngebied ‘bossen en heiden ten oosten van Antwerpen’ en later ook als VEN-gebied. In 2004 werd een van de eerste Vlaamse ruimtelijke uitvoeringsplannen hier gerealiseerd. Samen met nog enkele belendende percelen in het landbouwgebied werd het perceel omgezet in een gebied met bestemming natuur. Vandaag kan met die functie door Natuurpunt dan effectief gestart worden.
   
Terug  
1/3/2014

Vrijwilligers van de werkgroep Zevenbergenbos  bouwen een authentieke Kempense stal

verschenen in Limonium Jaargang 35 nr.1
maart 2014

door
John Maes

Wat doe je als een oud veeschuthok – een scharminkel in het landschap – door een storm in 2009 wordt geveld? De Galloways hielden ervan want bij de minste zonnestraal in de zomer kon je ze met zes tegelijk in de schaduw van het veeschuthok vinden.

Met de vrijwilligers van de werkgroep Zevenbergenbos staken we in 2010 de koppen bij elkaar. We zouden een nieuw veeschuthok bouwen dat past in het landschap. Na de dialoogfase waarbij allerlei ontwerpen en pistes werden overwogen hebben we de knoop doorgehakt. Het zou een Kempense stal worden met een dak in rode pannen en met een eiken gebinte dat volgens de oude tradities van pen en gat  in elkaar steekt. Het voorbeeld werd de 18de eeuwse schuur ‘Drogenhof’ langs de Schawijkstraat in Ranst. De schuur is in gebruik van Natuurpunt en kon dus omstandig bestudeerd worden.

De plannen, inpotlood op houten planken zoals ambachtslui dit eeuwen deden
 

In het voorjaar van 2010 selecteerden we enkele afgestorven eiken in het Zevenbergenbos en na wat gezwoeg en getakel brachten we de stammen met onze tractor naar een ambachtelijke zagerij in Oelegem. Planken, kepers, balken van eikenhout waren het resultaat en dit hout kon nu verder drogen in de schuur Drogenhof.

Het aanvragen van de bouwvergunning was de volgende stap. Dit leverde geen probleem op gezien het doel en het ontwerp van de constructie een veeschuthok is in agrarisch gebied.

Fundering, ziet er stevig uit.
 

Door een toeval kregen we contacten met het bedrijf De Bonte uit Waasmunster en Laakdal. De eigenaar woont in Ranst en uit sympathie met de werkgroep stelde hij voor om de prefab funderingselementen te maken als sponsoring.

Alles moet kloppen( met hamer en beitel)
Het eerste stuk staat er !
 

Na het plaatsen van de funderingselementen konden we aan de slag om de eiken gebinten in elkaar te zetten. De stal kreeg  vorm en wandelaars langsheen de Schawijkstraat volgden dag op dag het ‘Amish’-look-a-like gebeuren. Vrijwilligers die hun krachten bundelen en een geraamte van hout optrekken zoals rond 1780 ook de Drogenhofschuur gebouwd werd is dan ook geen alledaagse schouwspel.

Het Skelet staat er
 

En dan ging het snel, de oude pottelbergse pannen zijn een gift van één van onze vrijwilligers, Jan Jennes. Jan is tevens de architect van de Kempense stal. Minutieus heeft hij de verhouding van dak en wanden getekend, heeft hij de afmetingen van de elementen van het gebinte berekend en gezaagd. Alles klopte tot op de millimeter.

Met man en macht pannen leggen.
 

Het resultaat mag er nu zijn. Een veeschuthok met een zadeldak in rode pannen en wanden in staande eiken planken. Het gebinte is volledig met pen en gat-techniek in elkaar gezet. De oostzijde is open met een overhangend en afgekapt dakgedeelte.

Het resultaat mag gezien worden.
 

Aan de buitenkant komt nog een nestkast voor de zwarte roodstaart en binnen proberen we zwaluwen te lokken met enkele nestbakken. Op de zolder onder het pannendak voorzien we een vogelobservatiepunt via een opening in de wandplanken. Het zicht op de veedrinkpoel met regelmatig vertoevende witgatjes en watersnippen en op onze torenvalkkast zal alleszins voor mooie waarnemingen kunnen zorgen.

 
 


Op zondag 6 april 2014 is de Kempense stal een onderdeel van de opennatuurdag in het Zevenbergenbos. Kom gerust langs, het zal zeker de moeite zijn om de constructie te bekijken. Er is tevens een tentoonstelling van natuurfoto’s uit het Zevenbergenbos te zien. In de nabij gelegen Drogenhofschuur langs de Schawijkstraat is een natuurcafé ingericht waar kan nagepraat worden bij een pannenkoek en een streekbiertje.

Na 6 april wordt de Kempense stal het territorium van onze Galloways terwijl de mensensoort in de zomer van de zon geniet. En onze vrijwilligers die genieten van de prachtige realisatie. We zijn hen daar zeer dankbaar voor.

Bekijk hier naar foto's van de opbouw van deze Kempense stal.

   
Terug  
  Verkrijgbaar in de betere iepenkruin: de Iepenpage

verschenen in Natuurbericht 13 augustus
2013

door
Natuurpunt Studie

Tekst: Ilf Jacobs en Wim Veraghtert

Foto: Ilf Jacobs

Goed nieuws voor de Iepenpage. In de atlas "Dagvlinders in Vlaanderen" lazen we nog dat de soort typisch is voor de zuidwestelijke en zuidoostelijke heuvelzone, maar intussen worden almaar meer vindplaatsen van de soort ontdekt.

Terwijl men in Nederland blij is met een tweede vindplaats van de Iepenpage, werd de vlinder in Vlaanderen en het Brussels Gewest reeds op meer dan 120 locaties gezien. Dat heeft veel te maken met een bijzonder natuurbeschermingsproject dat met de steun van de provincie Vlaams-Brabant de voorbije jaren in de betreffende provincie uitgevoerd werd. Ten tijde van de vorige atlas, rond de eeuwwisseling, werd de Iepenpage nog als ‘onvoldoende gekend’ beschouwd. Slechts sporadisch werd de soort waargenomen. Vanaf 2010 werd er echter gericht gezocht naar de soort, wat resulteerde in tientallen nieuwe vindplaatsen, tot aan de zuidrand van de provincie Antwerpen, zoals bleek uit dit natuurbericht.


  Iepenpages voeden zich met honingdauw, die ze op de bladeren van de bomen vinden.
(foto: Ilf Jacobs)
   
  Gericht zoeken is echt nodig: de Iepenpage laat zich niet gemakkelijk opmerken. Het vlindertje zelf is al niet groot en ze fladderen graag rond de toppen van de grootste iepen. De vlinders voeden zich voornamelijk met honingdauw, die ze op de bladeren van de bomen vinden. Je ziet ze dan ook niet zo heel veel op bloemen. Die factoren zorgen ervoor dat de Iepenpage een eerder verborgen bestaan leidt. Het provinciaal project leidde tot een beter beeld van de verspreiding van de soort in Vlaams-Brabant. Door de toegenomen aandacht en een beter zoekbeeld worden de laatste tijd meer en meer nieuwe populaties ontdekt, tot ver buiten het in 2009 vermoedde verspreidingsgebied.
 
  Gerichte zoekacties hebben de kennis over het verspreidingsgebied van de Iepenpage flink vergroot. (foto: waarnemingen.be)
   
  Toevallig fotografeerde Marc Gorrens in 2012 een nectardrinkende Iepenpage in het Zevenbergenbos te Ranst (provincie Antwerpen), een eind ten noorden van de noordelijkst gekende vindplaats. Intussen is gebleken dat dat Zevenbergenbos een mooie populatie herbergt. Tot voor kort leek het te gaan om een geïsoleerde populatie, maar het gat tussen de waarnemingen werd intussen reeds 'dichtgereden'.

De afgelopen weken werden immers nog meer waarnemingen verricht die aan de rand of een eindje buiten het gekende verspreidingsgebied liggen. Gerichte zoekacties leidden onder meer tot de ontdekking van bijkomende populaties in de provincie Antwerpen (in het centrum van Lier en langs de Schelde in Hingene) en de noordrand van Vlaams-Brabant (o.a. de omgeving van Aarschot). Maar tevens in Oost-Vlaanderen (Maarkedal en Ename) en Limburg (Kanne) resulteerden gerichte zoekacties in de ontdekking van nieuwe populaties. Die nieuwe waarnemingen sterken onze overtuiging dat de soort wijder verspreid voorkomt dan tot voor kort werd aangenomen. De zoekzone met hoge potenties is vandaag de dag groot; het West-Vlaamse heuvelland, de Vlaamse Ardennen, de alluviale delen van de provincie Antwerpen, zuidoost-Limburg en de lege gaten in Vlaams-Brabant. Met de tips die aangereikt worden in deze inventarisatiefiche lukt het misschien ook jou om een nieuwe populatie te vinden! Niet te lang wachten is de boodschap want de vliegperiode van de soort zit er bijna op.
   
Terug  
Nieuws uit het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 34 nr.2
juni 2013

door
John Maes

Witte opennatuurdag en kunst in de natuur

De kikkers en padden slaagden er pas na een moeizame trek in om hun voortplantingsplaatsen te bereiken. Ze raakten echter ingesneeuwd en toch zijn de dikkopjes nu in de maand mei weer aanwezig. Als in normale jaren eind maart een bloementapijt de bosbodem bedekt, was het hoogtepunt van de bloei nu pas zichtbaar in de tweede helft van april. Het witte sneeuwtapijt tijdens de opennatuurdag van 24 maart 2013 werd vanaf half april uitbundig vervangen door een witte laag van bosanemonen, met her en der slanke sleutelbloem en speenkruid. De voorjaarsbloei was zelfs nog aanwezig op 5 mei tijdens de happening van de week van de amateurkunsten in het Zevenbergenbos te Ranst. Tussen optredende (woord) kunstenaars, muzikanten en demo’s van compostmeesters in een uniek decor van ontluikend voorjaarsgroen en uitdovende voorjaarsbloei genoten meer dan 300 aanwezigen van het menselijk kunnen en het natuurspektakel. De vrijwilligers van de werkgroep Zevenbergenbos zorgden voor een drankje aan de Drogenhofschuur. Zowel de werkgroep Zevenbergenbos als de bevoegde schepenen voor de cutuurraad en de milieuraad van Ranst waren uiterst tevreden over de combinatie kunst in natuur. Dit is beslist een opsteker voor het draagvlak ‘natuur voor idereen’.

 

Beschermd landschap

Het Zevenbergenbos ligt in het beschermd landschap ‘bos van Ranst’. Alle betrokken beheerders en eigenaars in dit afgebakend gebied werken momenteel aan een landschapsbeheerplan onder impuls van de Provincie Antwerpen. In het openbaar wandelbos van de gemeente Ranst zal een speelzone effectief aangewezen worden en avontuurlijk ingericht worden met open plekken en meer gesloten bestanden. Het wandelgedeelte zal daardoor meer natuurvriendelijk kunnen beheerd worden. Andere partners in het projectgebied blijven ook niet bij de pakken zitten. ANB creëerde tijdens het voorjaar een verbinding tussen het Zevenbergenbos en het Muizenbos via de aanleg van een gemengde houtkant aan de Driepikkelhoeveweg. Het Zevenbergenbos maakt nu deel uit van een complex van meer dan 100 ha bos aan de rand van de agglomeratie Antwerpen. Ook een prive-eigenaar in het projectgebied opende met medewerking van ANB en de Bosgroep Antwerpen Zuid een nieuw wandelpad zodat het Drogenhofpad van Natuurpunt nu een variant heeft tussen de Vaartstraat en de Driepikkelhoeveweg.

  Drogenhofpad

In elk seizoen is het Drogenhofpad van natuurpunt een aanrader. Vanaf de kerk van Ranst wandel je naar het kasteel Zevenbergen en dan volg je de wegwijzers van Natuurpunt. Via het gemeentelijk wandelbos en het pad naast de Schawijkstraat met de hoogstamboomgaard van Natuurpunt kom je aan het nieuwe kerkhof van Ranst en wandel je verder door de toegankelijke (privé)bossen richting Vaartstraat. Je wandelt dan in de richting van de idyllisch gelegen Driepikkelhoeve en komt dan terug aan het kasteel Zevenbergen. Onderweg kom je naast de bossen ook weilanden tegen met Galloways, een historische inkompoort van het jachtdomein van de heren van Zevenbergen uit de 18de eeuw, de historische Drogenhofhoeve en de Gasthuishoeve.

  Bos van Ranst geeft miljoenen euro aan de gemeenschap

Als ecosysteemdienst aan de gemeenschap zorgt het ‘bos van Ranst’ voor een financiële meerwaarde voor heel de regio. Een groot bosgebied herbergt meer biodiversiteit dan een klein bosgebied en daardoor is het gebied een stapsteen in een veel groter, zelfs mondiaal netwerk voor het behoud van de biodiversiteit. Niet voor niets is het bos van Ranst opgenomen als habitatgebied in het kader van het Europees natura-netwerk. Het bos slorpt CO² op en produceert zuurstof en zorgt voor een bufferend microklimaat. Het is een infiltratiegebied voor regenwater en zorgt voor een zuivere aanvulling van het economisch belangrijke grondwater. Het streekproduct ORDAL-water wordt op een steenworp van het bos van Ranst ontgonnen. Langs de Keerbeek en de Kleine Merrebeek is het bos een natuurlijk overstromingsgebied. Bij hoge neerslagpieken gebeurt door de overstroming vna het bos buffering van het oppervlaktewater zodat stroomafwaarts de bewoonde gebieden van de Schijnvallei behoed worden voor overstromingen. Als recreatiegebied met fiets-, wandel- en speelmogelijkheden en natuurobservatie is de waarde van het gebied onschatbaar. Door de aanwezigheid van het bos van Ranst is de woonkwaliteit in de ruime omgeving veel hoger in te schatten. De ecosysteemdiensten van het gebied financieel becijferen zou tot een zeer hoog bedrag leiden. Wij zijn dan ook fier als natuurvereniging om hieraan te kunnen bijdragen.

  Geologische biodiversiteit als basis voor de huidige biodiversiteit

Bij graafwerken aan een amfibiëënpoel op de Hoge Aard ontdekten we een fraai exemplaar van een haaientand uit het late Tertiair. Het is een tand van de uitgestorven haaiensoort ‘Carcharodon megalodon’. Deze haaiensoort kon tot 18 meter lang worden en is 1,5 miljoen jaar geleden uitgestorven. De zaagribbeltjes aan de zijkant van de tanden zijn een kenmerk van deze soort. Dat deze vis hier enkele miljoenen jaren geleden voorkwam toont de relativiteit aan van tijd en klimaat. Toen was het hier nog tropisch warm. Nadien trok de zee zich terug en kwamen de ijstijden. Na de ijstijden kwam de vegetatie zoals we ze nu kennen.
Onder het bos van Ranst ligt de oude zeebodem erg ondiep en de schelpen in die laag zorgen voor veel kalk in de grond. En dat verklaart dan weer waarom unieke plantensoorten hier vandaag uitbundig groeien. We denken aan eenbes, keverorchis, bosorchis, herfsttijloos, knolsteenbreek, gevlekte aronskelk, bosvogelmelk en honderden mossen- en paddestoelensoorten die in het bos van Ranst voorkomen. En met deze plantensoorten ontstaat dan weer een heel ecosysteem van onderling afhankelijke fauna en flora. Hierbij zijn echte zeldzaamheden terug te vinden zoals de keizersmantel die in sommige jaren resideert op viooltjes, de iepenpage die de talrijke iepenbomen in Ranst nodigt heeft, de kleine parelmoervlinder die af en toe de bloemrijke weilanden in de omgeving bezoekt.
 

Lokaal, maar ook mondiaal

Mondiaal zijn er problemen die de biodiversiteit in Ranst niet te goede komen. Waar bleef de koekoek dit voorjaar? Is hij in Afrika gebleven door het late voorjaar of is hij er niet meer?  Met Natuurpunt proberen we er alles aan te doen om lokaal het verschil te maken. Als dit overal zou gebeuren, zouden we al een hele stap vooruit zijn.

Terug    
  Kluifzwammen naast toegangsweg Hoge Aard

verschenen in Limonium Jaargang 33 nr.2
juni 2012

door
Staf Brusseleers

Vorige woensdag, bij de start van de eerste plantenavondwandeling van het jaar, ontdekten we, in de berm van de toegangsweg naar het natuurgebied de Hoge Aard in Ranst, ijverig speurend naar planten, een aantal bekervormige zwammen van respectabele afmetingen: 5 à 7 centimeter. Omdat ik deze zwam niet direct op naam kon brengen heb ik een exemplaar meegenomen voor verder onderzoek. Bij zulke bekervormige bruingekleurde paddenstoelen van die grootte denk je onmiddellijk aan het genus Bekerzwam/Peziza of aan een of andere oorzwam/Otida. Nee dus!
 
  Als je de zwam onderaan bekijkt, zijn vooral de vrij lange steel en de tot halverwege het vruchtlichaam doorlopende ribben opvallend, ook is de buitenzijde heel wat lichter van kleur, de steel zelfs bijna wit gekleurd. De binnenkant van de beker, de fertiele laag dus, is daarentegen roodbruin gekleurd. Deze macroscopische kenmerken bevestigen wat ik al vermoedde, dat we niet met een bekerzwam te doen hebben maar met een kluifzwam/Helvella. Dit werd algauw microscopisch bevestigd door de afwezigheid van enige Jodiumreactie (-J) (= blauwverkleuring ascuswanden bij onderdompeling in een jodiumoplossing). Aan de hand van de sporenmaten, de vorm ervan en de afmetingen van de parafysen (= steriele cellentussen de asci of zakjes) kwam ik uit bij Bokaalkluifzwam (Helvella acetabulum). Ik heb zo’ n vermoeden dat deze voor mij onbekende kluifzwam in Vlaanderen vrij zeldzaam is; in waarnemingen.be wordt hij alleszins in het rood vermeld ook in Nederland staat deze ascomyceet op de rode lijst. Volgens de literatuur houdt deze zakjeszwam dan ook van kalkrijke bodem, wat in de buurt van Ranst inderdaad het geval is.
 
  Foto Staf Brusseleers Ascosporen Bokaalkluifzwam
   
Terug  
  Nieuws over het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 33 nr.2
juni 2012

door
John Maes

 

Veel fraais

Het is nu volop zomer, of zou het moeten zijn. Het Zevenbergenbos draait als een ecologische fabriek het jaar rond. Zon, warmte, koude, droogte en regen kunnen de ecosystemen wel tijdelijk beïnvloeden maar het Zevenbergenbos en omgeving buffert veel weergrillen en de natuur toont zich telkens weer op een andere fraaie manier. Gelukzalige momenten zijn de ontmoeting met een overstekend wezeltje aan het wandelpad van Natuurpunt naast de Schawijkstraat, een nieuwsgierige vos die poseert voor een nachtcamera en de weidebeekjuffer die met haar prachtige blauwe vleugels aan de vlaspoel rondfladdert als inspiratie voor een kunstwerk van Panamarenko. Nog een hoogtepunt was het ringen van de 4 bijna volwassen kerkuilen in Ranst Millegemkerk door de kerkuilenwerkgroep. De kerkuil zorgde hiermee voor een record broedsucces in het landelijk gelegen Millegemkerkje tussen Ranst en Vremde.
Opmerkelijk dit jaar was de toename van bloeiende planten in de hooiweiden van Natuurpunt in en rond het Zevenbergenbos. De hooiweide naast het kasteel Zevenbergen is nu de rijkste groeiplaats van knolsteenbreek in de verre omgeving en voor het eerst bloeit er nu ook de gevlekte orchis. We verwachten bij gelijk blijvend beheer een toename van deze orchideeënsoort. Ook in de lage hooiweide naast de Kleine Merrebeek is na 6 jaar verschralend hooilandbeheer de knolsteenbreek meer en meer aanwezig.

 
 

Roodwangschildpadden

In de kasteelvijver van het Zevenbergenbos zitten verschillende roodwangschildpadden. Dit zijn exoten die afkomstig zijn uit de moerasgebieden in het zuidoosten van de Verenigde Staten. Vroeger werden kleine schildpadjes als prijsbeestje gegeven op kermissen (nu is deze praktijk verboden). Kleine beestjes worden echter groot en vele waterpartijen herbergen nu flink uit de kluiten gewassen losgelaten roodwangschildpadden. In ons klimaat kunnen ze perfect overleven gedurende tientallen jaren en ze hebben geen natuurlijke vijanden. Ondertussen doen ze zich tegoed aan allerlei waterdiertjes en amfibieën. Daardoor zijn er minder libellen en meer muggen. Roodwangschildpadden zijn exoten die het evenwicht in onze ecosystemen aantasten.
Op een zonnige dag zitten de roodwangschildpadden in de kasteelvijver op drijvende stukken hout. Bij het minste onraad duiken ze echter in het water. Ze laten zich niet zomaar verschalken. De werkgroep Zevenbergenbos van Natuurpunt opperde het idee om een schildpaddenval te maken, bestaande uit een drijvende vierkante constructie van PVC-buizen. Aan de buitenkant laat kippengaas de schildpadden toe om op de buis te klimmen om te zonnen. Aan de binnenkant van het vierkant is er geen gaas maar onder water is er een gesloten fuik van gaas. De schildpadden verlaten gemakshalve en onwetend de buis langs de gladde binnenkant van het vierkant en komen terecht in het gesloten fuikgedeelte. De buis is te glad om terug op te klimmen en de schildpad is gevangen. Marc Gorrens construeerde deze val en na enkele weken experimenteren met de constructie zaten op 14 juni twee grote schildpadden in de fuik. Eenmaal aan de kant getrokken werden de roodwangschildpadden bevrijd en opgevangen door een liefhebber die ze niet opnieuw zal los laten in de vrije natuur. Dit verhaal toont aan dat exoten op een diervriendelijke manier en succesvol uit het milieu kunnen verwijderd worden. Nog beter is te vermijden dat exoten in de vrije natuur terecht komen.

Terug  
  Bestrijding van waterschildpadden

verschenen in
Beheer.flits
21 juni
2012

door
Kevin Lambeets

 

Dat exoten een probleem vormen voor natuurbehoud en -herstel hoeft geen betoog… Natuurpunt Studie lanceerde daarom het Waarschuwingssysteem Invasieve Exoten. Ook waterschildpadden (Emydidae) duiken in Vlaamse wateren steeds vaker op, zo ook in natuurgebieden. Trachemys schildpadden planten zich niet voort in Vlaanderen, maar over de impact die deze roofdieren mogelijk toch hebben op inheemse fauna is weinig gekend (cf. http://www.natuurbericht.be/?id=8043). Misschien is ook hier voorkomen beter dan genezen… Het beheerteam van Zevenbergen in Ranst bleef dus niet zitten bij de pakken, en knutselde eigenhandig een schildpaddenval in elkaar. Met behulp van stevig gaas, snelbinders, riool- en elektriciteitsbuizen kwam Handige Harrygewijs een geschikt model tot stand. Met de zachthellende randen en het centrale vangplatform geeft de schildpaddenval een Alcatraziaanse indruk. De drijfbaarheid wordt gereguleerd via een vaatje gevuld met water en lucht. De val werd te water gelaten en met regelmaat gecontroleerd, vooral overdag wanneer de gevangenen actief trachtten te ontsnappen. Na ongeveer een maand wist het beheerteam twee grote exemplaren te strikken. De waterschildpadden werden getransloceerd richting een groot terrarium.

Meer info: Marc Gorrens (beheerteam Zevenbergen) en Kevin Lambeets

Terug  
  Nieuws over het Zevenbergenbos Winter 2011 - 2012

verschenen in Limonium Jaargang 32 nr.4
december 2011

door
John Maes

 

Tijdens de maand november zullen in het Zevenbergenbos 43 populierenbomen
langs enkele wandelwegen gekapt worden. De kapping is voorzien in het
beheerplan en voor het nog niet erkende gedeelte van het natuurgebied heeft
het Agentschap natuur en Bos (ANB) een vergunning afgeleverd. Na de kapping
zullen de reeds aanwezige essen ruimte krijgen om uit te groeien tot
majestatische bomen. Langs de wandelweg naar de Vaartstraat heeft de dienst
Erfgoed geadviseerd om een eikendreef aan te leggen in het beschermd
landschap.

In het oudste gedeelte van het natuurgebied (het Sterbos achter de grot)
hadden we tot enkele jaren geleden nog een zeer mooi uitgegroeide linde van
enkele honderden jaren oud. Naast de linde staat een kanjer van een
populierenboom (meer dan 4 meter omtrek en meer dan 40 meter hoog). Deze
bomen waren echter letterlijk op hun hoogtepunt gekomen. Vorige zomer
verloor de lindeboom al een deel van zijn kruin tijdens een windstoot. Begin
november gaf de populierenboom dan de genadestoot aan de buurboom. De top
van de populierenboom viel onverklaarbaar naar beneden op de nog resterende
kruin van de lindeboom. Nu staan er twee zuilen als cactussen naast elkaar.
Zo wordt het oude bos een moziëk waar weer nieuwe bomen kunnen groeien en
waar de rechtstaande stammen langzaam maar zeker zullen opgaan van
broedplaats naar zwammenrijk. Ten slotte zullen ze de genadestoot krijgen
van een zwarte specht die vakkundig het laatste steunpuntje onderuit zal
halen.

Ons rondzwervend damhert dat al meer dan 5 jaar aanwezig is en maar geen
mannelijke partner kan vinden, heeft het nog altijd naar haar zin in het
Zevenbergenbos. Een troost voor haar is de terugkeer van de houtsnippen, de
Vlaamse gaaien, de goudhaantjes en de sijsjes vanuit hun zomerverblijf in
het hoge noorden. Ze krijgen allemaal asiel in het Zevenbergenbos terwijl
onze Gallowaykoeien dan weer even naar het zuiden verhuizen voor hun
winterverblijf in de boerderij van Natuurpunt te Mechelen.

Terug  
5/1/2012 De bossen van Zevenbergen exotenvrij!

verschenen in
Beheer.flits
5 januari
2012

door
Kevin Lambeets

 

Het natuurgebied Zevenbergen is gelegen te Ranst. Deze bossen worden beheerd sinds 1998. Dankzij een huurovereenkomst die de lokale vrijwilligers wisten af te sluiten met het Convent van Bethlehem en een doelgericht aankoopbeleid worden heden bijna 50ha bossen en bloemrijke graslanden beschermd. Het areaal bos breidde de afgelopen jaren aanzienlijk uit door de verwerving van de alluviale bossen in het deelgebied Hoge Aard. De krachtlijnen van het beheerplan voor Zevenbergen zijn (i) ongelijkjarigheid, (ii) ongelijksoortigheid, (iii) dood hout in het bos en (iv) exotenbestrijding. De eerste drie pijlers vergen gericht bosbeheer, waaronder ook niets doen, en vooral tijd. Het is vooral wat het actief bestrijden van exoten zoals Amerikaanse vogelkers en Pontische rododendron betreft dat het beheerteam van Zevenbergen zijn strepen al verdiende.

Dertien jaar geleden leek dit een onmogelijk taak aangezien de grote bedekkingsgraad van rododendrons. Tijdens talrijke werkdagen werden struiken manueel afgezaagd, omgekapt en uitgegraven. Nadien werden de rododendrons zodanig opgestapeld dat de wortels in direct contact bleven met de lucht ten einde uit te drogen. Dit project werd maatschappelijk en educatief goed geïntegreerd via de betrokkenheid van ondermeer scouts, scholen en de Jeugdbond voor Natuur en Milieu (JNM). Vermits het eerder kalkrijke bodem betreft, is er weinig hinder van zaailingen.

Voor het naastgelegen gemeentebos wordt momenteel een beheerplan opgemaakt door de Provincie Antwerpen. Daarbinnen is slechts een gedeeltelijke verwijdering van de rododendrons voorzien. Natuurpunt ijvert echter voor een integrale aanpak aangezien de ligging binnen het habitatrichtlijngebied “Bos- en Heidegebieden ten oosten van Antwerpen” en de opname binnen het Vlaams Ecologisch Netwerk. Inheemse bossen en dus herstel van kruidenrijke bosplantengemeenschappen verdienen alle kansen, zeker binnen beschermde natuurgebieden. Een goede opvolging van deze resultaten via monitoring van ondermeer het herstel van de kruidlaag zal de komende jaren ook noodzakelijk zijn. Voor Zevenbergen is alvast de trend gezet met bijna 10.000 waarnemingen via het dataportaal http://waarnemingen.be. (Foto: Marc Gorrens)

Meer info: John Maes (verantwoordelijke beheerteam Zevenbergen); Kevin Lambeets (consulent planning & monitoring)

Terug  
1/10/2011 Nieuws over het Zevenbergenbos Zomer 2011
   

verschenen in Limonium Jaargang 32 nr.3
september 2011

door
John Maes

Een warm en droog voorjaar en een natte zomer zijn de perfecte ingrediënten om ecologisch gericht hooibeheer in de war te sturen. En toch hebben we in Zevenbergen uiteindelijk op 6 augustus kunnen maaien en 5 dagen later was het hooi droog en binnen. Het bleek nadien de enige droge 5-daagse van de zomer te zijn. In andere natuurgebieden had men minder geluk en was het hooi ofwel rot ofwel brachten de machines veel schade toe aan de plantengroei en de bodemstructuur. Elk nadeel heeft een voordeel. De natte zomer zorgde voor een hoog groeipercentage van de jonge boompjes die we tijdens de voorbije winter aangeplant hebben op een verlaten weiland van ongeveer 1 ha aan de Hogenaard. De bosoppervlakte in eigendom van Natuurpunt aan de Hogenaard wordt hiermee weer een stukje groter.

Nog een voordeel van een natte zomer is de permanente aanwezigheid van water in poelen. We verwachten dan ook een toename van libellen volgende jaren omdat de larven in voldoende water ongestoord konden doorgroeien. En in het kielzog van de libellen zal de boomvalk, tot grote ergernis van de kraaien, zeker niet ontbreken in het Zevenbergenbos. De waterschorpioen werd alvast terug opgemerkt in één van de poelen.
Veel wind was een ander ingrediënt van de voorbije zomer. Populierentakken die afbraken en daarmee afsluitingen van weilanden beschadigden waren schering en inslag. Op de Hogenaard begaf zelfs een Amerikaanse eik van meer dan 50 jaar oud bij een stevige windstoot. De boom viel op een afsluiting van een weide met damherten van een aanpalende eigenaar. Bijna was de Hogenaard en het Zevenbergenbos bevolkt met een kudde damherten. De vrijwilligers van de werkgroep Zevenbergenbos en de werkploeg van Natuurpunt herstelden de schade binnen de week en met de buurman onderhouden we verder de beste relaties.
Om nieuwe schade door afbrekende populierentakken te beperken zullen tijdens het najaar van 2011 een aantal kaprijpe populieren langs wandelwegen en weilanden geëxploiteerd worden. In het kader van bosrandbeheer is dit ook een manier om de biodiversiteit in het Zevenbergenbos nog een extra duwtje in de rug te geven. Bosranden zijn immers bijzonder belangrijk voor vogels, vlinders en andere lichtminnende soorten.

 


Kleine parelmoervlinder in het Zevenbergenbos (foto Marc Gorrens, 18/09/2011)

 

Tijdens de voorbije zomer werden door Marc Gorrens vijf nieuwe vlindersoorten ontdekt in het Zevenbergenbos. Het koevinkje, het bruin blauwtje en het zwartsprietdikkopje konden verwacht worden omdat de ruderale plantengemeenschappen en boszoomvegetaties de laatste jaren erg uitgebreid zijn door een gericht beheer. De aanwezigheid van de keizersmantel en de kleine parelmoervlinder is echter minder vanzelfsprekend. De keizersmantel is een uiterst zeldzame vlindersoort die gebonden is aan bosranden, kapvlakten en brede bospaden met kruidenrijke zomen, waar een hoge dichtheid viooltjes aanwezig is. Op de Vlaamse Rode Lijst is de soort aangeduid als ‘met uitsterven bedreigd’. De aanwezigheid van viooltjes in het Zevenbergenbos is hopelijk de stap voor deze vlinder om zich hier te vestigen.
De kleine parelmoervlinder is een soort die in Vlaanderen enkel nog voorkomt op schrale graslanden in de duinen aan de Westkust. Regelmatig worden wel zwervers waargenomen in het oostelijk deel van Vlaanderen waar ook heischrale graslanden voorkomen. Het graslandbeheer in het natuurgebied Zevenbergenbos is gericht op verschaling en misschien is de aanwezigheid van de kleine parelmoervlinder na jaren werken aan een gericht beheer een mooi resultaat. Nu maar afwachten of we de volgende jaren een duurzame populatie kunnen verwachten.

Na al dit vlindergeweld mogen we zeker de buizerd niet vergeten die vlak naast het Zevenbergenbos in een privébos naast de E313 drie jongen groot bracht. Proficiat aan dit buizerdkoppel, volgend jaar zijn ze weer welkom en hopelijk in het gezelschap van een koppeltje torenvalken . De torenvalk was immers de grote afwezige in 2011. In april was er ook nog een eenzame bonte vliegenvanger die een nestholte had uitgekozen maar ondanks zijn zangtalent maar geen wijfje kon vinden. Dit mannetje bonte vliegenvanger krijgt van ons de prijs van pechvogel van het jaar.

Terug  
01-08-2011 Priembladmos (Dicranodontium denudatum) in het Zevenber-genbos te Ranst: een nieuwe bladmossoort voor Vlaanderen

 

 

ANTenne
JULI- SEPT 2011 Jaargang 5 NR. 3

door
Dirk De Beer
e-mail

Het Zevenbergenbos: een goed ontwikkelde bosflora van o.m. oudbosplanten

Het Bos van Ranst of Zevenbergenbos maakt deel uit van het aloude bezit van het kasteel van Zevenbergen. De eerste meldingen van dit kasteel gaan terug tot 1312, mogelijk zelfs tot 1233. In 1953 kwam het kasteel in handen van de zusters van het Convent van Bethlehem, die een deel van de bossen in erfpacht gaven aan de gemeente en een ander deel aan Natuurpunt (Tack, 2001). Het Zevenbergenbos is voor het grootste deel, dat minstens sedert het einde van de 18de eeuw, onafgebroken bebost geweest. Niet te verwonderen dat het bekend is voor zijn goed ontwikkelde bosflora van o.m. bosanemoon, salomonszegel, lelietje-van-dalen, dalkruid, witte klaverzuring, heelkruid e.d. Zevenbergenbos is dan ook een van de bossen in het Antwerpse dat het best is onderzocht. In oktober 1984 kreeg het bos bezoek van de Vlaamse Werkgroep Bryologie en Lichenologie (VWBL). Voor meer info over deze vereniging wordt verwezen naar het artikel elders in dit nummer (cfr. rubriek ‘In beeld of op ANTenne’). Toen werd als grote verrassing gewoon appelmos (Bartramia pomiformis) gevonden (Büscher, 1988). Deze soort is hier, op zijn enige groeiplaats in de Kempen, helaas verdwenen.
Zevenbergenbos wordt zeer druk gebruikt door recreanten. Om de druk op het bos enigszins te stroomlijnen is het noordwestelijk deel in gebruik als speelbos. Het oogt ecologisch minder interessant en bestaat uit een oud bestand van zomereik en beuk met nagenoeg uitsluitend Pontische rododendron in de ondergroei. Dit deel van het bos heeft de droogste en armste bodem. Niet dadelijk een plek waar je mossen gaat zoeken, ware het niet dat onder dergelijke omstandigheden wel eens merkwaardige kronkelsteeltjes (Campylopus sp.) of gaffeltandmossen (Dicranum sp.) gevonden worden.

 
  Figuur 1 : Begroeiing van priembladmos (Dicranodontium denudatum) in Zevenbergenbos (Ranst) © Kasper Van Acker
 

Het priembladmos

Op een novemberdag in 2010 nam ik mij voor eens een kijkje te nemen in Zeven-bergenbos, om te zien of het gebied interessant genoeg was om er een dag-excursie te organiseren met de ANKONA-mossenwerkgroep. Zo kwam ik terecht in het speelbos, waar niet veel anders was te beleven dan hier en daar wat mos op de voet van oude eiken. Mijn oog viel op een vreemd gaffeltandmos of kronkelsteeltje. Onder de loep zag ik al dadelijk de “denudate” (of ‘kale of naakte’) stengeltjes. Controle van de microscopische kenmerken bevestigde dat het om priembladmos ging (Dicranodontium denudatum).

Priembladmos is een verre verwant van gaffeltandmos en kronkelsteeltje en heeft met hen gemeen dat de bladeren smal lijnvormig zijn, dikwijls met alle bladeren naar eenzelfde richting gebogen (homotroop gebogen) en dat ze op een zuur substraat voorkomt. Typisch voor priembladmos is dat de onderste blaadjes zeer gemakkelijk afvallen en zo zorgen voor de ongeslachtelijke voortplanting. Hierdoor zijn de stengeltjes onderaan niet (meer) bebladerd en dus kaal (of denudaat). Ook bij gaffeltandmossen komen diverse vormen van ongeslachtelijke voortplanting voor, maar daar ziet men nooit die typische naakte stengeltjes.

  Figuur 2: Tekening van priembladmos (met loskomen-de onderste blaadjes) (Uit de Atlas van de Nederland-se blad-mossen, Landwehr, J. & Barkman, J.J.)
   
 

De verspreiding de mossoort in Europa

Priembladmos is in de Ardennen vrij zeldzaam, maar was tot nu nog nooit in Vlaanderen gevonden (Sotiaux et al., 2007). In Nederland is deze soort zeer zeld-zaam en zijn tot nog toe vier vindplaatsen gekend, nl. één in Vaals (Zuid-Limburg) en drie op de Veluwe. De eerste vondst dateert er van 1979 (Van Tooren & Sparrius, 2007).

In Zevenbergenbos komt het mos voor op de voet van oude zomereiken. In de Ardennen zien we het vooral op beschaduwde zure rotsen en rot hout, maar ook wel op boomvoeten. De ecologie wijkt hier dus niet af van wat we van dit mos gewoon zijn. Maar het is wel zeer merkwaardig dat we in een periode, waarin iedereen het heeft over “global warming” een mos zien opduiken in de lage landen, dat bekend staat als een montaanboreale soort. En Zevenbergenbos is geen alleenstaand geval, gezien de recente vondsten in Nederland.

Begin maart 2011 werd Zevenbergenbos bezocht met de ANKONA-mossenwerkgroep. Priembladmos is toen zeer plaatselijk, maar wel in grote hoeveelheden gevonden op de voet van tientallen eiken, meestal is het daar de dominante mossoort. Een enkele keer stond het zelfs op een rododendrontak.
Plaatselijk lijkt deze soort zich dus zeer efficiënt te verspreiden met zijn broedblaadjes. Op iets langere afstand lijkt dat heel wat minder goed te werken, want elders in het bos werd geen spoor gevonden van dit mos. Het is dan ook een raadsel hoe het zijn weg heeft gevonden naar de Kempen.

   
  ANTenne is het driemaandelijks magazine van ANKONA - Antwerpse Koepel voor Natuurstudie - dat je regelmatig op de hoogte houdt van alle interessante activiteiten, artikels en evoluties binnen de sector van de natuurstudie.
Terug  
1/6/2011 Nieuws uit het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 32 nr.2
juni 2011

door
John Maes

Uitbundige voorjaarsbloei in het bos en in de hooiweiden

De maand maart was droog en eerder zonnig en bracht daardoor een uitbundige en vroege bloei van de bosanemonen en sleutelbloemen op gang. Wie er niet bij was tijdens de opennatuurdag op 3 april heeft iets gemist. Geen nood, volgend jaar is de afspraak voor de opennatuurdaq op zondag 1 april. Door het gericht bosbeheer weten we nu al dat de voorjaarsbloei volgend jaar minstens even spectaculair zal zijn. De pannenkoeken zullen nog beter smaken dan ooit tevoren.
Begin mei keert de bloemenpracht van het bos zich om naar de hooiweiden. Nooit tevoren hadden we zoveel knolsteenbreek in de hooiweiden. Ook de waterviolier was weer present in de door kwelwater gevoede beken en plassen. Elke dag is het in Zevenbergen vechten tegen de gewenning aan al dat natuurfraais, al was het maar om de verwondering telkens opnieuw een kans te geven.

Rare vogels

Foto Luc Van SchoorDe bonte vliegenvanger is terug van weggeweest. In het wandel- en speelbos van de gemeente Ranst zingt sinds begin april een mannetje bonte vliegenvanger. De vrouwtjes komen enkele weken later toe uit Afrika en manlief heeft al een bedje gespreid in een holte van een oude eikenboom. Of er een succesvolle broedpoging uit volgt valt nog af te wachten. De grasmus laat zich voor het eerst volop horen in de houtkant naast de Kleine Merrebeek. Hopelijk kunnen we voor de grasmus een eerste succesvolle broedpoging verwachten.
In de Drogenhofschuur van Natuurpunt hebben we nestkasten aangebracht voor de boerenzwaluw. En wat doen die zwaluwen dan? Ze bouwen gewoon een nieuw nest naast de nestkasten. Doe zo verder lieve zwaluwen.
Met al die waarnemingen mogen we de zwarte wouw niet vergeten die begin april op doortrek even een kijkje kwam nemen boven Ranst. Dit tot groot ongenoegen van enkele kievitten die een belager van formaat te lijf gingen en als kleine kwelduivels duikvluchten maakten rond een langzaam wiekende vliegende deur.
Door al die drukte in het luchtruim is de torenvalk wellicht vergeten een nest te maken in zijn nestkast aan de Kleine Merrebeek.

Foto Luc Van SchoorSlechte bosbouwers als wij zijn – dixit schippers aan de wal – geeft heel wat staand en liggend dood hout in het Zevenbergenbos. En toch komen hier pareltjes van vogels op af. De middelste bonte specht heeft het naar zijn zin met al dat zacht dood hout. Zeker één koppeltje, wellicht zelfs twee koppeltjes bewonen nu het Zevenbergenbos. Waar is de tijd dat natuurverenigingen busreizen organiseerden naar Duitsland om een glimp op te vangen van de zeldzame middelste bonte specht. In het bos is het in de meimaand laveren tussen de laag aan de grond gelegen nesten van tjiftjaffen en eenden met hun kroost op zoek naar verkoelend zwemwater. Laat het eeuwig lente blijven zodat de koekoek zijn ei kwijt kan.

Reinaert legt het bijltje

Begin april lag er een dode vos in het Zevenbergenbos. De doodsoorzaak kon nog niet vastgesteld worden. De toezichthouder van ANB voor handhaving heeft het kadaver aan het laboratorium van de universiteit Gent bezorgd. Als de doodsoorzaak niet natuurlijk zou zijn, dan wijst dit overduidelijk naar grote mensen die bang zijn voor kleine dieren. Sinds begin april is er nu ergens een vossenburcht die verlaten is.

Feest in het natuurgebied

Sinds 7 mei is het Drogenhofpad van Natuurpunt door en rond het Zevenbergenbos een stuk aantrekkelijker geworden. De gemeente Ranst heeft in samenwerking met de Bosgroep Antwerpen Zuid en Natuurpunt een veilig wandelpad aangelegd naast de Schawijkstraat. Natuurpunt stelde de grond ter beschikking, de bosgroep Antwerpen Zuid zorgde samen met de gemeente Ranst voor subsidies voor de aanleg van een wandelbrug over de Hogenaerdseloop en de gemeente Ranst heeft in eigen regie het wandelpad aangelegd. Verder werden met enkele privé-eigenaars en met ANB afspraken gemaakt om het Drogenhofpad uit te breiden met een traject in het bosgedeelte tussen het Zevenbergenbos en het Muizenbos. Het Drogenhofpad is nu volledig verkeersvrij en met een lengte van 3,5 km een feest om van de natuur te genieten, te joggen of te wandelen. Op 7 mei werd de houten brug in FSC-gelabeld hout plechtig ingehuldigd door schepen Stan De Schutter van de gemeente Ranst en door Martine Van Goethem, voorzitter van de Bosgroep Antwerpen Zuid. Een heerlijke receptie die aangeboden werd door de Bosgroep Antwerpen Zuid aan de schuur Drogenhof van Natuurpunt maakte er voor alle aanwezige leden van Natuurpunt, de Bosgroep en de vertegenwoordigers van de gemeente Ranst een echt feest van.

 
Terug  
1/3/2011 Nieuws uit het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 32 nr.1
maart 2011

door
John Maes

Natuur beheren is een erg dynamische activiteit. In de omgeving van het Zevenbergenbos is dit duidelijk merkbaar. Naast de talrijke vrijwilligers van Natuurpunt die tijdens de zaterdagse en doordeweekse werkdagen de natuurkwaliteiten verhogen zijn ook andere actoren betrokken bij de valorisatie van de natuur- en belevingswaarden in en rond het Zevenbergenbos.

In samenwerking met het Gemeentebestuur van Ranst en de Bosgroep Antwerpen Zuid werd voor het Zevenbergenbos een toegankelijkheidsregeling uitgewerkt. Het Drogenhofpad is veiliger gemaakt door de aanleg van een wandelweg langs de Schawijkstraat met een houten brug over de Hogenaerdseloop. De grond waarop de wandelweg ligt is van Natuurpunt, de houten brug in FSC gelabeld hout werd gefinancierd door de Bosgroep Antwerpen Zuid en de gemeente Ranst. Het wandelpad in dolomiet werd gerealiseerd door de gemeentelijke diensten van Ranst. De volgende weken zal de bewegwijzering van het Drogenhofpad nog verder gerealiseerd worden langs het nieuwe tracé dat uitgebreid werd met enkele privé-bossen en een deel van het domein van ANB. Natuurpunt zorgt voor nieuwe infoborden rond het bos met vermelding van de toegankelijkheidsregeling en de afbakening van het natuurgebied en het speelbos.

Op de recent aangekochte gronden van de Hoge Aard heeft de werkgroep Zevenbergenbos van Natuurpunt Schijnvallei een nieuw bos aangeplant met autochtoon plantmateriaal. Duizend essen, elzen, meidoornen, sleedoornen en rode kornoeljes zullen de volgende jaren uitgroeien tot een volwaardig bos aan de rand van het bestaande boscomplex langs de Kleine Merrebeek.

De bovenloop van de Kleine Merrebeek is van onschatbaar belang voor de biodiversiteit in de omgeving rond Zevenbergen. Vroeg in de maand mei kleurt de beek paarswit door de bloeiende waterviolieren. In overleg met het gemeentebestuur van Ranst en de dienst waterbeheer van de provincie Antwerpen zoeken we naar de beste manieren om in dit deel van de waterloop een goed beheer voor de waterkwaliteit en de biodiversiteit uit te voeren.

Het gebied van het Zevenbergenbos en het aansluitende Muizenbos is een beschermd landschap. De provincie Antwerpen stelt hiervoor een landschapsplan op. Bij goedkeuring van dit plan kunnen eigenaars en beheerders van gronden in het gebied een beroep doen op subsidies om waardevolle landschapselementen te onderhouden. Voor Natuurpunt komt er dan wellicht een opportuniteit om de 18de eeuwse poort aan de rand van het natuurgebied te restaureren.

Er is dus heel wat te beleven in en rond het Zevenbergenbos. Iedereen is van harte welkom tijdens het hoogtepunt van de voorjaarsbloei op de opennatuurdag van zondag 3 april tussen 10 en 17 uur.

   
Terug  
1/12/2009 Nieuws uit het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 30 nr.4
december 2009

door
John Maes

In het Zevenbergenbos is de herfst en de winter met bijzonder intensieve beheerswerken voorbij gegaan. Populieren geleidelijk kappen staat bovenaan het lijstje in het beheersplan. Vandaar dat we sinds september bezig zijn met het schalmen, opmeten en berekenen van de inhoud van te kappen populieren. 50 populieren hebben we aan de hoogst biedende exploitant letterlijk op staande voet verkocht. Eind oktober gingen de populieren langs de hofgracht en in enkele bosranden voor de bijl. Maar dan begon pas het werk voor de vrijwilligers van de werkgroep: kronenhout verwijderen en de takjes in de hooiweide opruimen om die terug maaibaar en begraasbaar te maken. Dit heeft de herfst gekleurd met tientallen extra werkdagen. Af en toe werd dit werk gekleurd met overtrekkende kramsvogels en koperwieken, een nieuwsgierig roodborstje of een wegsprintende bosspitsmuis.

Een tweede prioriteit op het beheersplan is het verwijderen van rhododendron en het maken van openingen in het beukenbestand. Voor de aanpak van de rhododendron hebben we vaste vrijwilligers. De JNM van Antwerpen-Zuid is elk jaar in november op post om dit werk gestaag verder te zetten. Openingen maken in het beukenbestand is winterwerk, de latere invulling van de openingen is dan weer het werk van de natuur zelf. En zo krijgen we variatie in soorten en leeftijden in de bestanden.

Het creëren van niches in het ecosysteem van het Zevenbergenbos rendeert duidelijk. De resultaten van de monitoring van nachtvlinders zijn hier een voorbeeld van. Leo Janssens heeft na 6 jaar determineren van nachtvlinders in het Zevenbergenbos al 662 soorten waargenomen waarvan 95 nieuwe soorten in 2009.

Na de aankoop van een klein perceel naast de verkaveling Boswijk tijdens de zomer van 2009, mogen we nu ook fier de aankoop aankondigen van ongeveer 5,2 ha bos en weilanden in de vallei van de Kleine Merrebeek, ter plaatse gekend als Hogenaard en Verloren Kost. Het is een oud essen-elzenbos met soorten als eenbes en dotterbloem. De Kleine Merrebeek loopt er dwars doorheen. Op zondag 18 april richten we een kennismakingswandeling in met een verkenning van het nieuw verworven terrein (zie ook aankondiging activiteiten, de Kleine Merrebeek, van bron tot monding).

Op 28 maart heeft het Zevenbergenbos haar witte bruidskleed aangetrokken. Niet te missen is de aanblik van het tapijt van bosanemonen met daartussen de gele toetsen van speenkruid en slanke sleutelboem. Iedereen is welkom op de opennatuurdag van zondag 28 maart. Er zijn geleide wandeling om 10 uur, om 14 uur en om 14.30 uur vanaf de Mariagrot aan de Kasteeldreef. Vrij wandelen en gewoon genieten van de bloemenpracht en een pannenkoek aan het boshuisje is ook mogelijk (zie ook aankondigingen activiteiten, opennatuurdag Zevenbergenbos).

En voor wie de opennatuurdag gemist heeft, kan ook op zondag 11 april nog terecht voor de laatste dagen van de voorjaarsbloei. De wandelvereniging Ranstuilen trekt die dag langs het Zevenbergenbos voor haar jaarlijkse wandeltocht. De Drogenhofschuur is dan het decor voor een controlepost. Ook hier is iedereen welkom voor een wandeling in het natuurgebied en een natje en een droogje ten voordele van het reservatenfonds.

   
Terug  
1/9/2009 Nieuws uit het Zevenbergenbos te Ranst

verschenen in Limonium Jaargang 30 nr.3
september 2009

door
John Maes

Het natuurgebied Zevenbergenbos is in 2009 weer een beetje groter geworden. Bij de realisatie van de verkaveling Boswijk, grenzend aan het Zevenbergenbos, bleef een perceel dat in ‘habitatrichtlijngebied en beschermd landschap’ ligt, onverkaveld over. Dit biologisch waardevol perceel met een oppervlakte van  1479 m² heeft Natuurpunt van de verkavelaars kunnen aankopen. Het is het eerste perceel in eigendom van Natuurpunt in het Zevenbergenbos. In totaal beheert Natuurpunt nu al ruim 44 ha in erfpacht of met gebruikersovereenkomsten en vanaf nu dus ook in eigendom vlakbij het centrum  van Ranst.  Hiermee vormt het natuurgebied Zevenbergenbos een van de grotere aaneengesloten reservaten in de Antwerpse groene gordel.

Met de gemeente Ranst hebben we een samenwerkingsovereenkomst voor het maaien van de wandelwegen die steeds toegankelijk zijn. Natuurpunt heeft naast de Schawijkstraat  het begrazingsraster enkele meter verplaatst zodat de gemeente Ranst kortelings een verhard wandelpad kan aanleggen. Het Drogenhofpad van 3,5 km rond en door het Zevenbergenbos wordt hiermee in de toekomst aantrekkelijker.

Na de strenge winter en de latere maar erg uitbundige voorjaarsbloei mochten we dit jaar weer heel wat interessante broedgevallen noteren.  Zeker 4 spechtensoorten (groene specht , zwarte specht, grote bonte specht en kleine bonte specht) hakten er lustig op los. Naast broedgevallen van boomklever, boomkruiper en vele zangvogelsoorten, is een broedgeval van de zwarte mees opgemerkt in een wortelkluit van een omgevallen boom. De nestkast voor de torenvalk was andermaal succesvol ingenomen met 5 stevige jonge uitvliegers als resultaat. De nestkasten voor de kerkuilen in de Drogenhofschuur en Millegemkerk bleken wel bewoond maar tot broeden zijn de kerkuilen niet overgegaan. Dit fenomeen werd op de meeste plaatsen in Vlaanderen vastgesteld. Wellicht is het ontbreken van geschikte prooidieren de belangrijkste oorzaak. Verder waren er  broedgevallen van buizerd en wellicht ook havik. De havik pleistert voortdurend in en rond het Zevenbergenbos en het is vrijwel zeker dat er een succesvol broedgeval geweest is. De bestanden van de ijsvogel zijn wel sterk uitgedund door de lange vrieswinter, maar we nemen toch geregeld stekelbaarsvangende exemplaren waar aan de Vlaspoel.

Het amfibieënleven aan de Vlaspoel heeft zich snel herpakt na de strenge winter met krioelende zwermen dikkopjes van de gewone pad en de bruine kikker tot gevolg. De stekelbaarsjes, kleine watersalamanders, alpenwatersalamanders en de larven van libellen hebben zich tegoed gedaan aan dit feestmaal. Toch heeft de natuur gezorgd voor voldoende overlevers want overal in het natuurgebied treffen we nu minikikkertjes en minipadden aan die hun eerste stappen op het land zetten.

Over vossenstreken kunnen we weinig vertellen. We hebben geen zichtwaarnemingen van vossen, maar hij is zeker aanwezig in de ruime omgeving. Hier en daar horen we berichten van mensen die hun kippen of hun ganzen kwijt raken. Dit pleit voor hogere vosafwerende afsluitingen rond kippenhokken. Hoe minder voedsel de vos ter beschikking krijgt, hoe minder vossen in een gebied zullen leven.

De warme zomernachten brachten weer talrijke gloeiwormen in het natuurgebied aan het licht. Ook voor de nachtvlindertellingen was het een topjaar. Op 1 augustus trof Leo Janssens een nieuwe nachtvlindersoort (Stenoptinea cyaneimarmorella)  voor Vlaanderen aan in het Zevenbergenbos. Ook werden nog relatieve zeldzaamheden ontdekt door Marc Gorrens zoals de trekvlinder Sitochroa palealis en de zwervende heidelibel. De trekvlinders zoals de distelvlinder, de atalanta en de oranje luzernevlinder  zijn zoals elders in Vlaanderen en in Europa duidelijk terug van weggeweest. Het bont zandoogje, het bruin zandoogje en de distelvlinder zijn in het Zevenbergenbos de meest geziene vlinders tijdens de zomermaanden.

Al dit natuurfraais zou er niet zijn zonder een doeltreffend beheer. De zaterdagse en ook doordeweekse werkdagen hebben tot mooie realisaties geleid. De oprit van de Drogenhofschuur werd verbreed en opgemetseld met kasseien. Hooibeheer door de Dobbelhoeve uit Schilde en distels maaien is tijdens de zomermaanden ook een vast item geworden. De 9 Galloways van Natuurpunt zorgen voor de nabegrazing op de bloemrijke weilanden.  Een recent geplaatste afsluiting tussen de verkaveling Boswijk en het nieuw aangekochte perceel zorgt voor kanalisering van de betreding in het natuurgebied.  De voorbereiding van de winterwerkzaamheden is intussen ook al aan de gang met het schalmen van populieren die gekapt zullen worden in het kader van het beheerplan. Ook  het voorbereiden van het hakhoutbeheer en de dunning van beukenaanplant om meer licht en variatie in ouderdom en soorten in het bos te krijgen, brengt de herfstsfeer al aardig dichtbij.

Op zondag 13 september is het Natuurgebied Zevenbergen integraal geopend ter gelegenheid van de Open Monumentendag. Er is een fietscircuit vetrekkend vanaf de Boswijk en de Grot aan de Kasteeldreef en een wandelcircuit doorheen het natuurgebied. Op dit circuit is de historische Drogenhofschuur (18de eeuw) langs de Schawijkstraat te bezichtigen. We kijken nu al uit naar het paddestoelenseizoen in het bos. Op zondag 11 oktober is er een geleide herfstwandeling met speciale aandacht voor paddestoelen onder leiding van ervaren natuurgidsen. De wandeling start om 14.30 uur aan de grot, einde Kasteeldreef te Ranst (500 meter van bushalte Kastanjelaan, bussen nr. 420 en 423).

   
Terug  
1/9/2008 Nieuws uit het Zevenbergenbos te Ranst

verschenen in Limonium Jaargang 28 nr.3
september 2008

door
John Maes

Gevelde populierenWinterwerk om te verwarmen

De voorbije winter was bijzonder druk op het gebied van beheerswerken in het Zevenbergenbos. Door de bergen werk die de vrijwilligers verzet hebben zal de natuurkwaliteit  de volgende jaren met enig geduld beslist toenemen.
Een rij kaprijpe populieren langs de Kleine Merrebeek is gekapt. De beste stukken van de stammen zijn geleverd aan fineerbedrijven en de andere stukken zijn verkocht aan houtzagerijen die er transporthout (paletten, kisten, stuwhout) van maken.Tractorextrawerkdagen Voor de vrijwilligers van Zevenbergen was het wel een hele klus om het kronenhout te verwijderen op de weilanden naast de gekapte populieren. Gelukkig heeft de aanschaf van een tractor uit een ander werkingsgebied van Natuurpunt ons uit de nood gered. Nu kunnen we in het 46 ha grote domein dankzij de tractor, een kar en een laadbak makkelijker beheerswerken uitvoeren met de vrijwilligers.
Na het opruimen van het takkenhout hebben we naast de Kleine Merrebeek een houtkant aangeplant met inheemse struiken en boomsoorten die aangepast zijn aan de standplaats (hazelaar, meidoorn, sleedoorn, es, els, zomereik, haagbeuk, gelderse roos).

Voorjaarsbloei en gebroed  in de lente

Opennatuurdag2008En toen kwam de lente. De voorjaarsbloei met bosanemoon en slanke sleutelbloem was uitbundig en werd dan ook door duizenden mensen bewonderd tijdens de open-natuurdag en de wandelinghappening van de wandelvereniging ‘de Ranstuilen’.  De hooilanden stonden in bloei met veel knolsteenbreek, pinksterbloem en een enkele adderwortel. De weilanden in Zevenbergenbos waren klaar om de Galloways uit Mechelen te ontvangen. De vlaspoel krioelde van het leven. Een inventarisatie leverde tussen de dikkoppen van bruine kikker en gewone pad veel alpenwatersalamanders en kleine watersalamanders op. Volgens één bron zijn er ook vinpootsalamanders en een mannetje kamsalamander gedetermineerd. Als dit klopt plaatst Zevenbergenbos zich vooraan op de schaal van het voorkomen van een diversiteit aan salamandersoortenTorenvalknest. Ook nog in de lente plaatsten we twee nestkasten voor steenuil en één nestkast voor torenvalk (met de hulp van Quinten Van Alstein). Steenuilen hebben er nog niet gebroed, maar de torenvalk was tot diep in de zomer actief met het grootbrengen van drie jongen. De kerkuilenbak die vorig jaar geplaatst werd in de schuur van het Drogenhof, bleek bij nazicht niet bezet te zijn.

 

Zomertijd, hooitijd en vlindertijd?

En toen kwamen er geen vlinders. De schaarste aan vlinders was ook in het Zevenbergenbos waarneembaar. Het oranjetipje was tijdens het voorjaar al minder gespot, de gewone vlindersoorten bleven ook wat achterwege. Enkel het bont zandoogje aan de bosranden en het bruin zandoogje in de hooilanden lieten zich geregeld zien. Af en toe konden we een fraai landkaartje observeren en op de schaarse zonnige dagen warmde een enkele atalanta zich op als voorbereiding voor de latere trek naar het zuiden. Laten we de slechte zomer maar de schuld geven van het vlindertekort. En dan zijn we meteen bij de zomer beland en dat betekent hooitijd. Ongeveer 5 ha hooiland is gehooid op 4 dagen tijd, tussen twee regenperioden, door de uitbater van de Dobbelhoeve in Schilde. De melk van de Dobbelhoeve zal volgende winter wat meer biologisch gekleurd zijn dankzij het hooi van het Zevenbergenbos. Zomerzon of niet, wat altijd groeit zijn de akkerdistels in de weilanden. Normaal zouden we hiervan niet wakker liggen, maar onze buren wel. Goed nabuurschap verplicht ons de distelgroei min of meer te beperken door te maaien. Onze tractor bewees ook voor deze klus goede diensten zodat we geen loonwerker meer moeten aanspreken. Enkele jaren volhouden en we zullen wellicht de distelwoekering volledig onder controle hebben.
De fikse zomerse regenbuien en windvlagen hebben in het eeuwenoude bomenbestand van het Zevenbergenbos ook hun tol geëist. De oudste lindeboom van Ranst heeft hierdoor zijn kruin verloren. De stam staat er nog, de kruin ligt er naast en de natuur profiteert van de plotse lichtinval. Voor het verlies aan uitzicht treuren we, voor de natuurvariatie kunnen we alleen maar juichen. Natuurbehoud is dikwijls twijfelen tussen emotie en ratio. In dit geval heeft de natuur zelf voor de ratio gekozen.

Nazomeren tussen reuzen, libellen en ijsvogels

Een nieuwe plant voor het natuurgebied dook tijdens de zomermaanden op langs de Kleine Merrebeek. Het betreft de reuzenbalsemien. Deze eenjarige plant uit Noord-India kan op enkele jaren tijd moerasgronden naast beken en rivieren volledig overwoekeren. De oevers van de Kleine Nete staan er inmiddels vol van. Een maai-interventie bij alle aanwezige planten zal hopelijk de verspreiding langs de Kleine Merrebeek (en verder naar het Groot Schijn) wat in de hand kunnen houden. Alleszins een op te volgen evolutie. Wellicht is de plant in het natuurgebied terecht gekomen via zaadjes op de machines en tractoren van de bosontginners die de populieren gekapt hebben.
De zomer is op dit moment nog niet geëindigd waardoor de natuur nog volop actief is. Libellen aan de vlaspoel, die door de natte zomer niet uitdroogde, zorgen voor nakomelingen. De ijsvogel laat zich maar al te graag bewonderen langs de vlaspoel maar verraadt niet waar zijn kroost wordt groot gebracht. De steeds aanwezige buizerd doet zich maar al te graag tegoed aan muizen en mollen in de weilanden en af en toe ook aan één van de overvloedig aanwezige houtduiven. In de weilanden stoeien hazen en plaatselijk ook konijnen. Enkele fazanten hebben het naburige jachtterrein verlaten, wegens te onveilig, en hebben hun kroost grootbracht in het natuurgebied. We geven de fazanten groot gelijk.

Drogenhofpad

DrogenhofpadEn dan is er ook nog groot nieuws voor wie graag wandelt in het natuurgebied Zevenbergenbos. In samenwerking met de gemeente Ranst hebben we een nieuw wandelparcours uitgetekend met de openstelling van een voorheen niet toegankelijke weg tussen de grot aan de Kasteeldreef en de Vaartstraat. De wandelroute heet Drogenhofpad en is 3 km lang. Ze gaat door en rond het natuurgebied Zevenbergen en het gemeentelijk wandelbos. Op 4 plaatsen langsheen het traject staan infoborden met een kaart van het gebied en de wandelroute.  Langs het traject staan ook palen met aanwijzingen voor de te volgen weg. Mogen we u ook begroeten op het Drogenhofpad? Er is ook de mogelijkheid om deel te nemen aan een geleide herfstwandeling op plaatsen waar het normaal niet toegankelijk is. De afspraakplaats voor de herfstwandeling is de grot aan de Kasteeldreef op zondag 5 oktober om 14.30 uur. Een slecht vlinderjaar belooft wellicht een goed paddestoelenjaar te worden. We kijken dus al uit naar de herfstperiode.

   
Terug  
1/11/2007 Kerkuilen in Millegemkerk en Zevenbergenbos te Ranst

verschenen in Limonium Jaargang 28 nr.4 december 2007

door
John Maes

Kerkuil weegschaalDe kerkuilenwerkgroep van Vlaanderen controleert in de Millegemkerk te Ranst elk jaar de nestbak die onder het zadeldak boven het schip geplaatst is.  Tijdens de maand juni 2007 werden 3 goed doorvoede uilskuikens van de kerkuil aangetroffen. De droge aprilmaand zorgde immers voor een goed muizenbestand waardoor het broedsucces van de kerkuilen toeneemt. De uilskuikens werden geringd, gewogen en beoordeeld op hun gezondheidstoestand alvorens ze terug in het nest te plaatsen. De Jeugdbond voor Natuurstudie en leden van Natuurpunt (Kris Boers) onderzochten ook de braakballen die via de dakgoot en de regenpijp naast Millegemkerk te vinden zijn. Dit leverde een beeld van het menu van de Millegemse kerkuilen op. 50 % van hun menu bestaat uit huisspitsmuis, 10 % bosmuis, 10 % bosspitsmuis en 5 % aardmuis. De overige 25 % zijn verdeeld over nog 8 andere soorten muizen en ratten.

Kerkuil weegschaal Ten noorden van het Zevenbergenbos verbleef de voorbije winter ook een kerkuil in de schuur van Natuurpunt (Drogenhof) langs de Schawijkstraat. Analyse van de braakballen van deze kerkuil leverde een volledig ander menu op. De kerkuil van het Schawijk leeft voor 40 % van de dwergmuis (een soort van extensief beheerde graslanden), voor 30 % van de aardmuis en verder nog 15 % van de bosmuis. De overige 15 % zijn verdeeld over 6 andere soorten. We kunnen dus stellen dat de kerkuil van Millegem zijn voedsel meer in tuinen en cultuurlanden zoekt (huisspitsmuis) terwijl die van het Schawijk meer leeft van de soorten in de weilanden en houtkanten rond  het Zevenbergenbos (dwergmuis).

De analyse van de braakballen toont ook aan dat het voedselterritorium van kerkuilen eerder beperkt is. Omwille van de aanwezigheid van een voldoende groot voedselterritorium rond het Zevenbergenbos heeft de kerkuilenwerkgroep ook een nestbak geplaatst in de schuur van het Drogenhof langs de Schwakijkstraat. Hopelijk vindt de overwinterende kerkuil van vorig jaar snel een partner om de nestbak te bewonen. We kijken dus al uit naar de uilskuikens van 2008.
Terug  
1/11/2007 Nieuws van het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 28 nr.4 december 2007

door
John Maes

aanwinst weidenHet voorbije jaar was een echt werkjaar voor de kern van vrijwilligers die het wel en wee van de natuur in het Zevenbergenbos in goede paden trachten te leiden. De nieuwe aanwinst van weilanden langs de Kleine Merrebeek en de Schawijkstraat is stilaan aan het uitgroeien tot een schatkamer waar af en toe  een nieuwe vogelsoorten en plantensoorten voor het natuurgebied opduiken.  Recent werd poelruit ontdekt in een verrruigd moerasgedeelte langs de Kleine Merrebeek waar gedurende twee jaar niet meer gehooid werd. Poelruit behoort tot de familie van de ranonkelachtigen (met onder andere boterbloem en bosanemoon als meer gekende soorten). In halfschaduw groeit de soort langs de Kleine Merrebeek samen met engelwortel, gewone wederik, leverkruid, kattestaart en wellicht oeverzegge. De aanwezigheid van oeverzegge moet nog bevestigd worden door determinatie tijdens de bloei volgend jaar. In de Atlas van de flora van Vlaanderen en het Brussels Gewest uit 2006 wordt poelruit als vrij algemeen beschouwd, maar steeds gebonden aan verruigde randen langs waterlopen en beken. Er is wel een significante achteruitgang in een aantal uurhokken waar te nemen (ook in de omgeving van het Schijnbekken).  In Wilde Planten van V. Westhoff wordt poelruit aangegeven als kensoort voor een verruigend verlandingsmilieu op vochtige min of meer stikstofrijke minerale en venige gronden. De begeleidende soorten zijn exact dezelfde als degene die in het natuurgebied Zevenbergenbos poelruit begeleiden. De vondst van poelruit bevestigt de uitzonderlijk zeldzame status van de bovenloop van de Kleine Merrebeek als een van de laatste oorspronkelijke zuivere waterlopen in het Schijnbekken ten westen van het Albertkanaal met relicten van middeleeuwse moerassen. 

Jong kalfDe begrazing met Galloways in het natuurgebied loopt ten einde. Langsheen de Boerenkrijglaan verhuizen de Galloways al vanaf half november naar de boerderij van Natuurpunt in Mechelen. Op de weilanden langs de Kleine Merrebeek kunnen de dieren nog rustig verder grazen tot half december door de aanwezigheid van enkele hoge en droge weilanden en de aanwezigheid van een schuilhok. Op 11 november werd de begrazing van dit weilandencomplex bekroond met de geboorte van een kalfje (zie foto).

In het Zevenbergenbos zal tijdens de winter een perceel hakhout gekapt worden. Dit is een eeuwenoude techniek die in onbruik geraakt is door het vele handwerk dat er aan te pas komt. De hoge brandstofprijzen doen echter de vraag naar brandhout stijgen en dat is de reden waarom dit onderdeel van het beheersplan nu kan uitgevoerd worden. We hopen door deze ingreep de voorjaarsbloei terug te stimuleren en vooral in het voorjaar een geschikt milieu te creëren voor de nachtegaal. Deze onopvallende zanger moet het echt van zijn zang hebben om waargenomen te worden. Jong opschietend struikgewas onder hoge loofbomen is de ideale biotoop voor de nachtegaal.  We kijken uit naar zijn terugkomst.  Sinds half oktober heeft de houtsnip zich ook al gevestigd in het winterverblijf van het Zevenbergenbos. We gunnen ze de onverstoorde rust zodat ze volgende zomer terug voor nakomelingen kunnen zorgen in de uitgestrekte bosgebieden van  Scandinavië of Siberië.

Terug  
1/6/2007 Nieuws van het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 28 nr.2 juni 2007

door
John Maes

Na de turbulenties in het weer van de voorbije winter en lente met de nodige stormen en sneuvelende hitterecords is het natuurgebied Zevenbergenbos in Ranst in zomerrust gegaan. Terugblikkend kunnen we stellen dat de natuur in het Zevenbergenbos er zeker niet op achteruit gaat. De biodiversiteit is er bijzonder gevarieerd en specifieke soorten krijgen kansen. Op 1 april konden enkele honderden bezoekers van de opennatuurdag genieten van de zeer uitbundige voorjaarsbloei waarbij vooral bosanemonen het uitzicht bepalen. De zwarte specht liet zich geregeld zien en horen en dit gaf bijkomend spektakel.  De uitbarsting van natuurgeweld tijdens de maanden  april en mei gaf heel wat bijzondere waarnemingen.

VlaspoelIn het struikgewas rond de vlaspoel zingt de nachtegaal zijn beste repertoire. Ondertussen vliegt naast de vuurjuffer ook de ijsvogel regelmatig over de vlaspoel op zoek naar stekelbaarsjes. De buizerd zweeft op mooie dagen schijnbaar louter voor het plezier onverstoorbaar hoog boven het bos.  In de vlaspoel is het amfibieënleven ook present met kleine watersalamander, alpenwatersalamander, gewone pad, bruine kikker en sinds kort horen we tijdens warme dagen ook het gekwaak van de groene kikker. Wat dit jaar bijna volledig ontbreekt in de vlaspoel is de waterviolier. De oorzaak ligt bij de natte maand augustus waardoor de vlaspoel niet uitgedroogd is en de waterviolier als moerasplant niet kon kiemen. De zaadbank in de waterbodem blijft echter actief en als de zomer normaal wordt, dan hebben we volgend jaar in mei terug een explosie van bloeiende waterviolieren.

In de schuur naast de vlaspoel heeft een kerkuil een slaapplaats gevonden. Uit het braakballenonderzoek blijkt dat die zich vooral voedt met de dwergmuis. De dwergmuis leeft in de hoog gras en ruderaal terrein. Dit biotoop is ruimschoots voorhanden in de meer dan  7 ha weilanden tegenover de schuur. Met de kerkuilenwerkgroep is nu al een afspraak gemaakt om in september een nestbak in de schuur te plaatsen. Hopelijk kunnen we dan volgend jaar geboortekaartjes sturen van een nest jonge kerkuilen. Jonge kerkuilen zijn er dit jaar wel in Millegemkerk te Ranst. Op 26 mei heeft de kerkuilenwerkgroep 3 jongen gewikt en gewogen en geringd. De bijzondere warme aprilmaand heeft overal voor een explosie van het muizenbestand gezorgd waardoor de kerkuilen een succesvol broedjaar hebben.

De zwarte specht profiteert in het Zevenbergenbos volop van het toenemend aanbod van dood hout waardoor ook voor deze vogel tafeltje-dek-je met een bijhorend broedgeval van toepassing is. Eind mei kwamen de jonge zwarte spechten met hun kopjes uit het nest hangen in afwachting van moeder en vader zwarte specht.

Een inventarisatie van vlinders in de weilanden leverde op 8 april een uitzonderlijk rijk resultaat op: citroentje, klein koolwitje, groot koolwitje, klein geaderd witje, oranjetip, bont zandoogje, gehakkelde aurelia, dagpauwoog en boomblauwtje. In de weilanden is door de maaibeurten van vorig jaar het aantal distels fors verminderd. Dit bewijst dat deze plant ook op natuurlijke wijze terug te dringen is. Anderzijds is de knolsteenbreek in de hooiweide, samen met schermhavikskruid en blauwe knoop sterk in opmars. Een verder gaande verschraling door het volgehouden hooibeheer leidt wel degelijk tot een  toename van een aantal specifieke soorten in de hooiweide. Eenbes, keverorchis, gulden boterbloem en heelkruid toonden zich ook allemaal present in het oude bosgedeelte.

Ondertussen zijn ook de Gallowaykoeien toegekomen uit hun winterverblijf in Mechelen. Ze zijn te bezichtigen in de weilanden langs de Schwaijkstraat tegenover de schuur van het Drogenhof en in de weilanden langs de wandelweg vanaf het oud kasteel Zevenbergen. Wellicht mogen we tijdens de zomerperiode ook nog enkele geboorten van kalfjes verwachten. De konijnen en hazen in het gebied mogen dus rekenen op speelkameraadjes.

Het natuurbeheer in het Zevenbergenbos richt zich in de komende maanden en jaren op het verder ontwikkelen van variatie in de bosstructuur en op natuurontwikkeling op de landbouwgronden langsheen de Schawijkstraat. Opruimen van oude weideafsluitingen, maken van nieuwe rasters, knotten en maaien horen daar allemaal bij. De zaterdagse werkdagen zijn ondertussen een begrip geworden waarvoor steeds meer vrijwilligers zich aanmelden. Ook de JNM van Antwerpen steekt regelmatig een handje toe en dit is meer dan welkom. Het resultaat mag dan ook met fierheid getoond worden tijdens de geleide wandelingen doorheen het natuurgebied.

Terug  
1/3/2007 Nieuws van het Zevenbergenbos

verschenen in Limonium Jaargang 28 nr.1 maart 2007

door
John Maes

De winter van 2006-2007 zullen we in Zevenbergen Ranst niet snel vergeten: een zachte winter maar ook een stormachtige winter. Op 18 januari zijn 4 honderdjarige beuken in het natuurgebied Zevenbergenbos door de wind geveld. Daarnaast sneuvelden nog een twintigtal andere bomen (populieren, sparren, eiken, berken).  De vrijwilligers van de Werkgroep Zevenbergenbos hebben nadien zo goed als mogelijk de wandelwegen terug vrij gemaakt. Veel omgevallen bomen blijven in het meest kwetsbare gedeelte gewoon liggen.  Het langzaam verterende hout zal de komende twee decennia voor uitbundig leven zorgen, gaande van mossen, schimmels en paddenstoelen tot insecten en hun gevederde en andere belagers. Dood hout brengt leven is de paradox die een stormachtige winter teweeg brengt. 

Naast het opruimen van stormschade werden door vrijwilligers ook een aantal jongere beuken verwijderd op plaatsen waar die in het verleden dicht bij elkaar geplant zijn. Beuken hebben de gewoonte alleen zichzelf te verdragen en vooral op de hogere zandachtige gronden in het natuurgebied zorgt dit voor verzuring van de bodem en afsterven van alle andere bomen en struiken onder het bladerdek van de beuken. Om de ecologische waarde van de monoculturen van beuk te verhogen, kappen we hier en daar een aantal gaten in het beukenbestand. Na enkel jaren zien we daar dan al terug andere plantensoorten verschijnen en komt er variatie en een mozaiekstructuur in het bosbestand tot stand.

De inrichting van de uitbreiding van het natuurgebied met ongeveer 7,5 ha ecologisch waardevol agrarisch gebied begint ook vorm te krijgen. Vrijwilligers van de werkgroep Zevenbergenbos hebben een houtkant aangeplant met een  lengte van 300 meter en een breedte van 6 meter. Het plantgoed is afkomstig van autochtoon materiaal. Het plantmateriaal van  es, zomereik, rode kornoelje, kardinaalsmuts, sporkehout, berk  en zwarte els komt voort uit zaailingen van het Zevenbergenbos. De hazelaars, Gelderse roos, sleedoorn en meidoorn zijn met autochtoon zaadmateriaal opgekweekt door Sylva in Waarschoot via een contract met de Vlaamse Landmaatschappij. Een overschot van deze partij heeft zo zijn weg gevonden naar het Zevenbergenbos. Wellicht kan de afrastering rond het nieuw verworven gebied nog tijdens de lente in orde gemaakt worden zodat er binnenkort ook Galloways grazen. Voor de weidepalen hebben we gebruik gemaakt van gekloven eikenhout uit het Zevenbergenbos. Wat betreft de duurzaamheidsfactor wordt driemaal gescoord: eikenhout gaat makkelijk 30 jaar mee, het is niet behandeld en het  is ter plaatse gewonnen zodat er geen energie voor transport nodig is.  
 
De vlaspoel in het natuurgebied werd tijdens de winter langs twee zijden vrijgesteld van struikgewas om de lichtinval voor de groei van de waterviolier te verhogen. Het nadeel hiervan is dat tientallen padden tijdens de vroege  trek in februari onbeschermd door de vegetatie het slachtoffer werden van een belager. Langs de oevers vonden we tientallen afgestroopte huiden van padden. Welke fijnproever is hier aan het werk geweest? Een bosuil of een buizerd wellicht. Vroeger hebben we immers nog afgestroopte huiden gevonden van padden onder bomen die als rustplaats door de bosuil of de buizerd gebruikt worden. 

Door de zachte winter zal de voorjaarsbloei uitzonderlijk vroeg vallen. De opennatuurdag van zondag 1 april in het Zevenbergenbos belooft dan ook midden in het hoogtepunt van de voorjaarsbloei te vallen. Vanaf 10 uur tot 17 uur is het natuurgebied vrij toegankelijk op de bospaden. Geleide wandelingen vertrekken om 10 uur en om 14.30 uur aan de Grot op het einde van de Kasteeldreef. Het boshuisje zal ook omgetoverd worden tot een idyllisch pannenkoekenhuisje.